‘Genoeg gedaan voor vandaag’ denk ik wanneer ik zaterdag om half 6 de maternity wil verlaten. De dag zit erop. Nog even kijk ik of er geen bijzonderheden zijn. Ik vind een verloskundige in de verloskamer. Ze onderzoekt de 16 jarige Biona Prudence die zwanger is van haar eerste kindje. Het ziet ernaar uit dat haar bevalling voorspoedig gaat verlopen. Ze krijgt net wat sterkere weeën na de hele dag wat voor weeen te hebben gehad. Stiekem heeft ze zichzelf naar de 7 cm ontsluiting gewerkt met wat leek ‘lichte weeën’. Ik vertrouw erop dat de laatste 3 centimeter ontsluiting zonder problemen zullen verlopen en dat ze binnen een paar uur knus met een kind in de armen in de kraamkamer zal zijn.
Ik bedenk dat het misschien wel een mooie bevalling is voor de verpleegkundige expat collega. Ze heeft zich vóór mijn aankomst in het project over de maternity ontfermd omdat er toen nog geen verloskundige was. Ze was enorm blij toen ik aankwam. Voor een verpleegkundige met minimale verloskunde ervaring is het toch een hele opgaaf om een team verloskundigen bij te staan in hun werk. Ze hoopte ook dat ik haar wat kon trainen in de verloskunde, want je weet maar nooit, ze kan opnieuw ingezet worden in een project waar geen verloskundige expat is. Ik check met de Prudence of ze het prima vindt dat er een extra verpleegkundige assisteert bij de bevalling en ze gaat akkoord.
Ik licht mijn collega in en ze is razend enthousiast. De vorige keer dat ze een bevalling bijwoonde hebben we samen een pasgeborene moeten reanimeren. Hopelijk wordt het deze keer een wat minder spannende bevalling. We spreken af dat ik haar oproep wanneer Prudence 9 centimeter ontsluiting heeft, zodat ik haar kan voorbereiden op de bevalling en nog wat praktische tips kan geven tussendoor.

Geheel volgens plan heeft Prudence 2 uur later 9 centimeter ontsluiting en ik roep mijn collega op. Ze is over een paar dagen ‘einde missie’. De vermoeidheid van de afgelopen maanden en de drukte van de overdracht naar haar opvolgster die pas is gearriveerd, hebben redelijk impact. Ze is moe, maar heeft toch wel zin in de bevalling. Het afwachten is een moment waarin het moeilijk volhouden is maar ‘het zal wel gemakkelijker volhouden zijn zodra er wat actie komt’ geeft ze aan.
Ook voor de laatste cm neemt onze patiënte een uur de tijd. En dan komt de actie. Tijdens de controle van de hartslag merken we dat deze een beetje begint te vertragen. Ik probeer de hartslag wat langer te volgen, maar de Prudence lijkt dit niet erg prettig te vinden. Ze begint wat onrustig te woelen en geheel onverwacht schiet ze vervolgens ook nog eens in een wat lijkt epileptisch insult die bijna een minuut aanhoudt. Het kan een signaal zijn van een zwangerschapsvergiftiging die gepaard gaat met een hoge bloeddruk, dus ik check zo snel mogelijk de bloeddruk die tot op dat moment geen reden van onrust gaf en ook nu normaal is.
Gelukkig is per toeval onze dokter in het ziekenhuis voor een andere patiënt, dus die is vrij snel aanwezig in de verloskamer om ons te assisteren. Inmiddels is de Prudence gekalmeerd en stabiel. Omdat de hartslag van de baby nog niet helemaal hersteld is, besluiten we Prudence zelf wat extra zuurstof te geven. ‘Zuurstof geven’ betekent hier dat je een zuurstofapparaat ‘vrij moet maken’, die moet van de intensive-care komen. Dit betekent dat andere patiënten mogelijk even geen extra zuurstof krijgen of een ander zuurstofapparaat moeten delen.
Met een zuurstofkapje op gaat Prudence verder met de weeën. Ze heeft nog geen volledige ontsluiting, dus er is niks wat we kunnen doen. We proberen de feiten tegen elkaar af te wegen. Met de weinige en primitieve middelen die we tot onze beschikking hebben is het misschien niet zo handig om een keizersnede uit te voeren nu. Wachten op vordering van de ontsluiting betekent dat de dame ‘wie weet voor hoe lang nog’ in de gegeven risicovolle staat zal zijn. We missen duidelijk een gynaecoloog + anesthesioloog op dit moment, maar met de verenigde kennis en ervaring van mijzelf en de expat arts besluiten we dat het verstandig is hoe dan ook het OK-team op te roepen en Prudence voor te bereiden op een keizersnede. Dit geeft ons enige tijd om te zien of ze in de gegeven tijd de benodigde 10 cm ontsluiting zal bereiken zodat we een pompverlossing kunnen proberen. Dit heeft als voordeel dat we de bevalling sneller kunnen beëindigen, dat we Prudence niet hoeven te opereren in haar toch al risicovolle staat en dat ze voor de volgende zwangerschappen niet het risico heeft van een litteken in haar baarmoeder, wat in dit land nog altijd kan leiden tot foetale en maternale sterfte.
We brengen de Prudence en de materialen in gereedheid. We besluiten de pompverlossing in de OK uit te voeren, want mocht deze niet lukken dan kunnen we met zo min mogelijk vertraging de keizersnede uitvoeren.
Eenmaal aangekomen op de OK krijgt Prudence opnieuw een insult. Eenmaal weer gekalmeerd luisteren we naar de hartslag van het kindje en wederom reageert het met vertraging van zijn hartslag. We leggen de Prudence op de operatietafel en ik probeer haar te onderzoeken om te zien of ze al 10 centimeter ontsloten is. Dit is gelukkig het geval. We besluiten om nu maar zo snel mogelijk het kindje te halen. Ik sluit de vacuümpomp aan en de lokale verloskundige pompt het vacuüm tot de gewenste druk. Dat betekent hier pompen, net als met een handpomp voor een voetbal of fietsband. Gelukkig ligt het kindje er gunstig voor en hebben we binnen een paar minuten een blakend gezond kind en een volledig versufte Prudence.
Mijn collega verpleegkundige vindt het genoeg voor vandaag en besluit niet te wachten totdat de moederkoek geboren wordt. Helaas voor het team laat deze ook nog rustig een uur op zich wachten en omdat een spontane geboorte uitblijft moet ik hem manueel verwijderen.
Een dag later bezoek ik Prudence en haar baby in onze maternity. Ze ziet er stralend uit. Met de verloskundige als tolk probeer ik te achterhalen of ze ooit eerder epileptische aanvallen gehad heeft. Dit lijkt niet het geval. Ik vraag haar of ze ons kan vertellen wat er de vorige avond gebeurd is. Ze weet het niet precies. Ze bevestigt dat ze weet dat ze een insult gehad heeft, maar wat er daarna gebeurd is, is een beetje langs haar heen gegaan. We vragen haar of ze weet waar ze bevallen is en ze zegt dat ze zich herinnert dat ze naar de keuken gebracht werd. De keuken is vlakbij de operatiekamer. De verloskundige en ik moeten lachen bij het idee van haar bevalling in een keuken en leggen haar uit wat er precies gebeurd is. Ze weet niet dat ze in de operatiekamer opnieuw een insult gehad heeft. Ook het feit dat we haar kind via een pompverlossing geboren hebben laten worden is haar compleet ontgaan. We drukken haar tenslotte nog stevig op het hart dat ze nooit thuis mag bevallen, omdat ze deze keer enorm geluk heeft gehad dat ze er zelf nog is en ook dat haar kindje gezond is, puur vanwege het feit dat ze bij ons in het ziekenhuis was voor haar bevalling.

13 augustus 2012 om 08:50
Hoi Patricia,
Je verhaal is heel mooi geschreven. Heftig zo’n bevalling met primitieve middelen. Het zal het uiterste van jullie vragen. Gelukkig is het goed gekomen.
Groeten Joram