jun 20
Arjan vanuit Zuid-Sudan.

Een ware noodsituatie

 ‘s Avonds laat. Heb de halve dag in K18 rondgelopen. Het was indrukwekkend. Ik heb jarenlang in Sudan gewerkt, in het noorden en in het zuiden. Maar ik heb zelden zo een situatie gezien. Duizenden mensen in het midden van niks, onder stukjes grijze plastic die wij net een paar dagen geleden hadden uitgedeeld. Omgeven door modder en ontelbare acacia bomen. Met een schreeuwend tekort aan water en alleen het voedsel dat hen gegeven wordt. De modder heet ‘black cotton soil’ en is dik en vreselijk plakkerig. Ik ben niet zo heel erg lang maar na een half uur lopen was ik minstens 10 centimeter gegroeid van alle modder die er onder mijn schoenen bleef steken.

Ik zie een oud besje strompelend meter voor meter afleggen. Ze heeft al weken een enorm abces op haar voet en toch al ruim honderd kilometer gelopen. Ze wordt naar onze kliniek gebracht. Even verder loopt een meisje van zeven jaar, met haar broertje van twee op haar heup. Zou zij haar broertje de hele reis moeten hebben dragen? En in de rij, wachtend op de bus, waken een troepje jongens over een koffer. Het is een oude maar stevige koffer. Er staat ‘Seven Stars’ op. Dit detail raakt me. Misschien omdat ze opeens zo gewoon lijken.

Vanwege het water dat opraakt is er geen enkele andere optie dan deze mensen verplaatsen naar andere kampen. Dit gebeurt dan ook. Enkele duizenden per dag worden met bussen en vrachtwagens naar een nieuw kamp vervoerd, ongeveer 70 kilometer verderop: Batil. Probleem is alleen dat er in Batil ook nog steeds te weinig water is – en ook onvoldoende tenten. Van de 15.000 mensen die er in de afgelopen week zijn afgeleverd, heeft de helft nog geen tent ontvangen. Stel je voor: je wordt door geweld van huis en haard verdreven, verliest al je bezittingen en wellicht nog een aantal familieleden onderweg, en komt dan uiteindelijk terecht daar waar je veiligheid en zorg verwacht. En dan moet je alsnog in de modder en in de open lucht slapen. Ik kan mij niet voorstellen hoe mijn familie dit zou ondergaan.

Ondertussen, in K18. Het is minder dramatisch dan een week geleden. Gelukkig wel. Dr. Erna, heeft vorige week nog kinderen zien overlijden tijdens de barre tocht van K43 naar K18. Haar ervaringen van vorige week tartten alle verbeelding. Vandaag zijn de omstandigheden iets verbeterd. Niet in het minst doordat zij en het team zich volledig uit de naad gewerkt hebben. Maar deze omstandigheden blijven mensenonterend slecht. Een ware noodsituatie.

Laat een bericht achter