aug 30
Alexa vanuit DR Congo.

Horrorfilm – niet voor mensen die niet houden van verschrikkelijke verhalen –

Woensdagavond om 22.30u speelt er zich in een dorp hier 2 uur rijden vandaan een horrorfilm af: 8 mannen dringen het dorp binnen met hamers en hakken op alle hoofden in die ze tegen komen. Ze stelen niets, schieten niemand dood maar slaan zo’n 16 mensen letterlijk de kop in.

Donderdagochtend rent een van de community health workers het hele eind naar Mweso en informeert de BCZ (bureau central du zone) over wat er gebeurt is. Wij krijgen halve informatie en vertrekken met één auto om te zien wat we kunnen doen. Daar aangekomen is de ernst van de situatie snel duidelijk en de dokter en verpleegkundige die mee zijn verplegen alle wonden, prikken infusen, zien één van de slachtoffers ter plekke overlijden en tellen verder nog twee overledenen. Ze nemen zo veel mogelijk patiënten mee en vragen om hulp, wij hebben geen andere auto’s op de basis op dat moment dus we vragen de BCZ om met hun ambulance uit te rukken.

We ontvangen de eerste gewonden, maken kamers vrij in het ziekenhuis en beginnen met triage en behandeling. We hechten de hele verdere dag hoofdwonden en maken de balans op: 7 mensen in coma met schedelbreuken en 8 ernstig gewonden. De slachters die dit op hun geweten hebben slapen de komende jaren waarschijnlijk slecht: een schedel horen kraken moet echt om te walgen zijn.

Iedereen is in shock, het dorp is ontredderd en niemand kan praten. Ik hecht een jonge man en stel steeds vragen die de verpleegkundige maar half vertaalt. Na een half uur begint de jongen plotseling kleine zinnen terug te prevelen, in perfect Frans, hij had me dus al die tijd prima verstaan maar kon alleen maar voor zich uit staren. Zijn vader wordt tegelijkertijd door een collega gehecht, de rest van de familie ontkwam. Ze zijn er goed afgekomen, alleen drie diepe snijwonden waaronder een in de nek.

De volgende dag evalueren we onze coma patiënten, stuk voor stuk horen ze op een mega gespecialiseerde neurochirurgische afdeling thuis met 5 scans per dag en operatie tegen de druk die zich opbouwt in het hoofd. Wij hebben enkel en alleen een lampje om de progressief uitpuilende ogen te bekijken en een hamertje om de reflexen vast te stellen. Eén man is totaal in de war en doorstaat steeds maar weer doodsangsten, hij roept en schreeuwt en slaat en schopt totdat we hem kalmeren en hij weer in een coma wegzakt om een tijd later alles weer door te maken.

Een eerste patiënt overlijdt vrijdag avond: een 15 jarige jongen. De rest verkeert nog steeds in kritieke toestand waaronder een zwangere vrouw. Het is een afschuwelijk gezicht, deze lijdende mensen waar we zo weinig voor kunnen doen. Overplaatsen naar Goma is ook niet echt makkelijk met 5 uur hobbelen in de auto en we vinden ook geen chirurg uit andere projecten die snel hierheen kan komen om te helpen.

Deze nachtmerrie lijkt me het levende bewijs dat noodhulp wél belangrijk is ondanks alle discussie die daarover gevoerd worden in de pers in het veilige Nederland. Wij blijven daarom alles op alles zetten om dit soort slachtoffers zo veel mogelijk bij te kunnen staan.

aug 30
Alexa vanuit DR Congo.

Het drama van Bweru

We rijden met drie auto’s naar Bweru, het dorp waar ze een paar dagen geleden 160 huizen hebben platgebrand en alles hebben leeg geplunderd.

Het dorp ligt ver weg in de heuvels, het is ongeveer 2 uur rijden over een redelijk goede weg voor een landcruiser. We komen er normaal gesproken iedere twee weken om de bevolking te ondersteunen met een mobiele kliniek, door een veiligheidsincident zijn we er nu echter al drie weken niet geweest. Het is een lang gerekt dorp dat op een brede bergkam ligt. Het is een zeer onrustige regio en mensen slapen geregeld niet in hun dorp maar verstopt in het bos uit angst voor geweld en plunderingen. Het grootste deel van de oorspronkelijke bewoners zijn vertrokken maar het dorp is sinds lange tijd bewoont door vluchtelingen uit de omgeving. Sinds +/- twee maanden zijn er echter zo’n 3000  mensen bijgekomen, het merendeel uit een dorp waar regelmatig gevochten wordt en huizen geplunderd en verbrand zijn. Die mensen wonen nu in Bweru en bouwen hun hutjes tussen de anderen die er al waren en aan de rand van het dorp op de stijl naar beneden lopende hellingen, honderden hutjes kris kras door elkaar.

We zijn er met een groot team om de situatie in kaart te brengen en patiënten te zien:

Vier verpleegkundigen doen de mobiele kliniek in het gezondheidscentrum, ze doen 80 consultaties en 20 zwangerschapscontroles in de enkele uren dat we er zijn. Twee teams gaan het dorp in en registreren alle verbrandde huizen en alle huizen die geplunderd zijn, we tellen 172 verbrandde huizen en de plunderingen blijken onmogelijk om precies vast te leggen, iedereen lijkt wel wat kwijt te zijn en onbruikbaar bevonden spullen werden in de vlammen gegooid. Een derde team geeft voorlichting over seksueel geweld, om eventuele slachtoffers te informeren over behandelingsmogelijkheden. Een laatste team brengt de water-sanitatie situatie in kaart, er zijn verscheidene latrines verbrand en bovendien zijn er in het nieuwe stuk kamp helemaal geen latrines beschikbaar. Water haalt men uit een bron ver beneden in het dal, een groot probleem want met zoveel mensen bij elkaar is schoon drinkwater juist extra belangrijk om besmettelijke ziektes te voorkomen.

We zijn allen geschokt over het geweld dat deze mensen is aangedaan en zo te horen is het voor niemand in dit dorp de eerste keer dat ze zoiets overkomt. Families vluchten niet eens meer, hun huizen werden afgebrand in het dorp waar ze vandaan kwamen en nu weer, waar moeten ze heen om wél rustig te kunnen wonen? Ze besluiten te blijven waar ze zijn en wij besluiten terug te komen om de families van de verbrandde huizen een pakket non-food-items uit te delen.

Twee dagen later zijn we terug met een grote vrachtwagen vol met NFI’s. De autoriteiten hebben ons een lijst met namen gegeven en we vertrekken in vier teams het dorp in en identificeren één persoon per verbrand huis met een kaartje, een nummer en een vinger in de kleurstof. Daarmee komen ze de berg af om bij mij een pakket in ontvangst te komen nemen. Ik sta naast de vrachtwagen en we hebben er een hek omheen gezet zodat er geen chaos kan ontstaan. Alleen de mensen met identificatie mogen één voor één naar binnen. Ik teken de namen af op de lijst en druk een stempel op de arm met de kleurstof zodat ze de identificatie niet dubbel kunnen gebruiken. Het loopt zeer voorspoedig totdat een heel stuk lijst met namen niet blijkt te kloppen. Een van de chefs blijkt gewoon wat namen (van familie en vrienden??) opgeschreven te hebben maar de vier teams vinden die namen niet terug op de plek van de verbrandde huizen. We moeten dus nieuwe mensen aan de lijst toevoegen en de foute namen krijgen geen pakket omdat we hun niet met een verbrand huis kunnen linken. Ik stuur ook enkelen terug die hun geluk beproeven om een tweede iemand van de familie te sturen maar nog niet helemaal begrepen hadden dat ik ze afteken op de lijst zodat dubbele distributie niet mogelijk is. Uiteindelijk delen we 153 pakketten uit omdat de rest onvindbaar is of misschien verhuisd naar ‘veiliger gebied’.

We hebben inmiddels ook bij andere NGO’s gelobbyd om de huishoudens te helpen die geplunderd zijn. Hopelijk komt het internationale rode kruis binnenkort met een algemene distributie. Volgende week gaan we weer met de mobiele kliniek die kant op en hopelijk kunnen we in de toekomst de gezondheidspost helemaal ondersteunen zodat er iedere dag (ipv een keer per twee weken) medicijnen en verpleegkundigen zijn. Zonder AzG is er daar bijna niets om patiënten te behandelen en bovendien is er maar één dappere verpleegkundige die er werkt en de rest van het personeel is totaal ongeschoold.

 Alexa

aug 26
Alexa vanuit DR Congo.

Brand

© Alexa

De hutjes in de vluchtelingenkampen zijn gemaakt van bananenbladeren en buigbare stokken. Ze bestaan uit twee ‘kamers’: voor en achter. Voor wordt gekookt en achter wordt geslapen. Het geheel is 1.5 bij 3 meter dus erg veel ruimte is er niet maar toch zijn dit hutten voor hele gezinnen. Koken doet men op houtskool stoofjes en elektriciteit is er niet dus als je geluk hebt heb je een olie lamp. De veiligheid is er ver beneden de maat: naast rovers, verkrachters en dwangarbeid zijn er de bekende bedreigingen van diarree, malaria en longontstekingen die de nodige levens eisen. Maar er ligt nog een levensgevaarlijke combinatie op de loer: bananenbladeren en vuur… Brand is een veel voorkomend probleem in de kampen. Vorige week brandden er 25 hutten af omdat een moeder haar kinderen ‘s nachts alleen achter had gelaten met brandend houtskool. Diezelfde nacht brandden er 5 hutten in een ander blok af omdat een jaloerse vrouw de hut van een andere dame in brand stak… En een week eerder stonden er 10 hutten in de fik door een dronkaard die niet goed op z’n houtskool lette. Bovendien kregen we dit weekend het nieuws dat vijf dagen geleden twee dorpen aangevallen zijn: álles geplunderd en 250 hutten platgebrand. 

© Alexa

Vandaag waren we op de plek van de 25 afgebrande huisjes en deelden we pakketten met NFI’s (Non Food Items) uit om de mensen wat op weg te helpen hun leven weer op de pakken: Een deken, een omslagdoek, een muggennet, een jerrycan, een stoofje en een plastic zeil. We hadden van tevoren met de community health workers gesproken en samen met de ‘chef du bloc’ een lijst gemaakt van ieder gedupeerd gezin dus we wisten voor wie we kwamen. Ondanks dat bleek het toch nog moeilijk iedereen te vinden en er zeker van te zijn dat de juiste personen voor ons stonden want distributies zijn populair. Eén man wist de naam van zijn vrouw niet meer en bleek later toch niet de man te zijn die we zochten maar was zijn broer, en enkele anderen claimden óók op de plek des onheils hun huis verloren te hebben maar meer dan 25 hutten telden we toch echt niet. 

© Alexa

De Community Health workers zijn onze belangrijkste informatie bron in de gemeenschap. Zij voorzien ons wekelijks van geboorte en sterfte aantallen, van informatie over rumoeren, incidenten, besmettelijke ziekten en nieuwe ontwikkelingen. Behalve informatie verzamelen helpen ze ons ook met de verspreiding van informatie, met het chlorineren van drinkwater en met de distributie van muggennetten die we niet gewoon uitdelen maar bed voor bed installeren. Een zeer belangrijke taak dus en erg gerespecteerd. Zij zijn ook bezig met een programma dat probeert om veiligere stoofjes te introduceren, van klei gemaakt op de grond en niet van los ijzer dat om kan vallen. Hopelijk heeft het succes! 

Helaas zal het geen effect hebben tegen plunderingen, morgen gaan we naar een van de twee dorpen dat geplunderd werd om te zien wat we daar kunnen doen want het klinkt verontrustend. 

Alexa

aug 26
Kitty vanuit DR Congo.

Explo missie

Om 7.00 uur exact vertrekken we voor een lange dag in de auto. We (de Head of Mission en ik) gaan vandaag een explo (onderzoek) doen in twee health centers, vertaald in het Nederlands; gezondheidsposten. We ondersteunen en superviseren nu twee van deze posten en willen er nog een bij. Hiervoor hebben we selectie criteria; een belangrijk criterium is dat een gezondheidspost een redelijk groot bereik heeft in termen van de bevolkingsgrootte. Het is een rekensommetje waar ik jullie verder niet mee zal vervelen, maar het komt erop neer dat we gezondheidsposten zoeken in dorpen en omliggende dorpen met een bevolking van liefst 7500 of meer inwoners, opdat we rond de 100 consultatie per dag kunnen doen. Verder is een belangrijk criterium dat de morbiditeit (de voorkomende ziekten in een gezondheidspost) interessant voor ons moet zijn. De meest voorkomende ziekten hier zijn; Malaria, diarree en ziekten van de luchtwegen.

Vandaag gaan we naar het Moyenne Plateau, een gebied waar veel onrust is omdat er veel rebellengroepen huizen die met elkaar in de clinch liggen. De vraag naar gezondheidszorg is groot, er zijn vele gezondheidsposten die geen of nauwelijks middelen hebben om aan de zorgvraag te beantwoorden.  Er zijn op het Moyenne Plateau weinig NGO’s die de gezondheidsposten ondersteunen omdat het gebied op veel plaatsen slecht toegankelijk is en het er relatief onveilig is.

De eerste gezondheidspost waar we langs gaan ligt op 77km afstand van onze basis op een redelijk begaanbare weg waar we 3 uur over doen.  Wanneer we gezondheidspost willen gaan ondersteunen dan betekent dat 6 uur heen en terug in de auto en dan kunnen ze precies 2 á 3 uur supervisie per week geven en dat is in een startsituatie verre van ideaal. De post wordt bemand door een klerk (administratie), een adjunct superviseur en een traditionele vroedvrouw, 3 personen waar er normaal gesproken minimaal 5 aanwezig moeten zijn. De klerk blijkt hier een manusje van alles te zijn; naast zijn eigen administratieve werk runt hij de apotheek geeft injecties en hij voert ook laboratorium onderzoeken uit. Tijdens ons gesprek zit de superviseur erbij alsof hij het allemaal niet zo goed begrijpt en het is overduidelijk dat de klerk hier alle touwtjes in handen heeft. De vroedvrouw is afwezig terwijl er wel twee net bevallen moeders met baby’s in het nauwe kamertje liggen. De rapportage is niet bijgehouden en de afval zone is rommelig. De vuilverbrander ligt vol met oude injectienaalden en de afvalput voor organisch afval en de andere afvalputten lijken buiten gebruik. Er zijn nauwelijks medicijnen aanwezig om acute ziekten zoals Malaria te behandelen. Het geheel geeft een treurige aanblik en ondersteuning lijkt hier erg nodig maar de gezondheidspost bedient echter slechts een gebied met 4500 inwoners. Dit gegeven samen met de afstand in tijd vanuit onze basis zullen onze uiteindelijke beslissing beïnvloeden.

Op de terugweg bezoeken we de tweede gezondheidspost in een dorpje waar een beruchte rebellenleider domicilie heeft. Het team in de gezondheidspost is compleet, er zijn geen patiënten, er zijn geen medicijnen maar de medewerkers zijn er allemaal en geven een gemotiveerde indruk. De post is klein en we treffen er ongeveer dezelfde gebreken aan als bij de vorige gezondheidspost. Het dorp telt 7900 inwoners en ligt op 18km afstand van een post die we al ondersteunen.

Het is nu een zaak van dingen tegen elkaar afwegen en discussies met de BCZ (Bureau Centrale du Zone) of- en zo ja welke van deze twee we zullen gaan ondersteunen. De één is te ver weg van onze basis en de andere ligt te dicht bij een gezondheidspost die we al ondersteunen. Afstand alleen speelt echter een kleine rol, de belangrijkste overweging zal meer van strategische aard zijn. We zullen het over een paar weken weten, wordt vervolgd dus…

aug 10
Alexa vanuit DR Congo.

Deze week

Omdat we nog steeds geen vervanger hebben voor de supervisie van de mobiele kliniek en we wel een tweede dokter hebben, heb ik voor de laatste maand van mijn missie de mobiele kliniek erbij. Mijn week begon met een geschreven test voor het rekruteren van een nieuwe verpleegkundige voor de mobiele kliniek. Daar gaat een heel proces aan vooraf omdat we niet zomaar iemand aan mogen nemen. Eerst moet er goedkeuring voor gevraagd worden en een budget voor gepland worden, dat moet via de project coördinator naar Goma en dan in het vier-maandelijkse budget opgenomen worden dat goedgekeurd moet worden door Amsterdam. Maar goed, dat was allemaal in april al begonnen dus aan mij de eer om de vacature te openen. Dat gaat hier niet via internet of krant maar het wordt gewoon op de deur van de compound geplakt (bij ons, in Kitchanga en in Goma welliswaar). Als werk zoekende moet je vervolgens overal langs fietsen om te kijken of er nog wat nieuws is opgeplakt, een soort Albert Heijn prikbord systeem… De tam tam gaat op de een of andere manier erg snel want we kregen 50 cv’s binnen, voor één plek. Goed werk is schaars en mensen komen echt overal vandaan om hun geluk te beproeven. Uiteindelijk selecteerde ik 10 mensen om een geschreven test te doen. Criteria waren mobiele kliniek ervaring, ervaring in health centers, Kinya Rwanda spreken en zo veel mogelijk lokaal. De tien namen werden vrijdag op de deur geplakt voor een test op maandag. Ik zette een test in elkaar met wat kennis en wat denk vragen, ook een vraag in het Kinya Rwanda over een moeder die met haar twee zieke kinderen komt en vluchteling is en een zieke man thuis heeft, de vraag is hoe je de kinderen behandelt en wat voor adviezen je mee geeft….

Van de tien kwamen er 7 opdagen waarvan er twee minimaal 5 uur kwamen rijden uit Goma. De beste drie nodigde ik uit voor een interview op donderdag. Dat betekent dus dat die personen vanaf maandag in Mweso moesten blijven om er donderdag te kunnen zijn… Uiteindelijk koos ik de verpleegkundige die inmiddels al 5 maanden met ons werkt, voor ons verandert er dus niks. Voor hem betekent het verzekering van werk en niet meer langs de deuren van organisaties hoeven om steeds weer opnieuw werk te zoeken. Hij heeft 7 kinderen in Goma, (5 van hem, 2 aangenomen) de oudste 14 jaar. Die zijn dus nu verzekerd van eten en hopelijk van school.

Verder was mijn assistent er deze week niet (er was in Goma een management training georganiseerd waar hij heen mocht) dus zat ik heel wat uurtjes achter de computer data in te voeren. Verder kreeg ik maandag de malaria cijfers van Kalembe (het tweede dorp waar we een health center ondersteunen) binnen en die waren verdubbeld in één week… Alle alarm bellen rinkelen dus nu want ondanks de epidemie in Kashuga was Kalembe tot nu toe nog rustig. Dat betekent dat we dus nu in Kalembe óók aan de slag moeten met muggennetten uitdelen etc!

Onbegrijpelijk dat er geen legers mensen staat te trappelen om ons hier te komen bijstaan want er is echt meer dan voldoende werk (en het is fantastisch werk!). Er is één andere organisatie bezig in Kashuga met water en latrines maar er is nog steeds wekelijks cholera dus dat zet ook geen zoden aan de dijk. De nieuwe verpleegkundige voor de mobiele kliniek komt de derde week van september dus die zal al het preventieve werk moeten voortzetten omdat november normaal gesproken malaria seizoen is en  aangezien het nu laag seizoen zou moeten zijn zou het tegen november nog wel is veel erger kunnen worden dan dat het nu is.

Gister was onze coördinatrice (niet medisch) trouwens onderweg naar een afspraak toen ze onderweg een vrouw zagen instorten langs de kant van de weg. Ze stopten dus en de vrouw bleek verwezen te zijn naar het ziekenhuis. Ze moest bevallen maar de verloskundige van Kashuga had haar (lopend) naar het ziekenhuis gestuurd omdat ze geen hard actie van het kindje kon vinden. Het dorp nog niet uit collabeerde de vrouw  maar daar was gelukkig de reddende engel MSF. Helaas had de PC geen idee wat te doen behalve dat ze een andere verloskundige herkende die toevallig ook langs die weg liep… Ze besloten de vrouw mee te nemen richting ziekenhuis maar na vijf minuten moest de auto gestopt worden en werd er een blauw kindje in de auto geboren die ondersteboven gehouden goed door elkaar werd geschud en begon te huilen… Eind goed al goed, ik vond eigenlijk dat het kind de naam van de auto moest krijgen, maar die heet Jambo wat zoveel als Hallo betekent dus misschien toch niet helemaal geschikt (behalve dat Dieudonné (god gegeven) en Bienvenue (welkom) hier ook gewone namen zijn).