jun 30
Kitty Geschreven door KittyVanuit DR Congo

De Reis

Maandag 7 juni 2010:

Een maand nadat ik met mijn nieuwe missie heb ingestemd vertrek ik voor een lange reis naar mijn vertrouwde Congo. Een andere plek weliswaar, mijn vorige missie was in Katanga, een zuidelijke provincie van Democratische Republiek Congo, nu ga ik 9 maanden in Zuid Kivu wonen en werken.

De vliegreis naar Nairobi is lang, gelukkig zijn er wel 20 verschillende films te bekijken op het kleine beeldscherm die alle passagiers aan boord van dit luxe vliegtuig (Boeing 777) hebben. Er zit een jong Engels stel naast me die een dag eerder getrouwd zijn en op huwelijksreis naar Tanzania en Kenia gaan. Ze zijn niet eerder in Afrika geweest en zijn opgewonden over hun avontuur.

Dinsdagochtend 8 juni:

Nairobi is een vreselijke luchthaven, er is niets te doen en ik heb er al menig maal vele uren rondgehangen. Dit keer slechts 2 uur wachten voor mijn aansluiting naar Kigali, de hoofdstad van Rwanda. Tijdens de 1.5 uur durende vlucht naar Kigali vliegen we over de zuidoever van lake Victoria, het op 2 na grootste meer ter wereld en het grootste meer van Afrika en het eerste meer in het lange lint van het grote merengebied.

In Kigali staat er een taxi voor mij klaar die mij naar Goma zal brengen, normaliter zou ik direkt naar Bukavu gereden zijn maar er was geen tijd genoeg om mijn visum in Nederland te regelen en klaarblijkelijk kan alleen een eerste visum bemachtigd worden op de Rwandese/Congolese grensovergang bij Goma. Leuk vind ik dat want in de Goma missie, waar ik een nacht zal verblijven, werken een aantal collega’s die ik ken uit vorige missies. De chauffeur spreekt nauwelijks een woord Frans of Engels en nadat hij heeft gemerkt dat ik een paar woorden Swahili spreek begint er een 4 uur durende ondervraging of ik de betekenis van de woorden weet. Tussen de bedrijven door soes ik in en ben blij als de Congolese grenspost in zicht komt. Dit is mijn tweede bezoek aan Goma en ik scan meteen de horizon af naar de vulkaan Nyiragongo, die bij mijn laatste bezoek in 2009 enorme pluimen rook produceerde en in de nachten rood opgloeide. Al snel ontdek ik hem en er komt nog steeds rook uit zijn krater. Bij de grensovergang wacht de vertrouwde MSF (Medecins sans Frontieres) Landcruiser mij op en sta ik bijna een uur in de brandende zon bij het immigratie loket op mijn tijdelijke visum te wachten.

Het kantoor van MSF ligt aan het lake Kivu, brede trappen leiden mij naar een koloniaal bordes met het schitterende uitzicht op het meer. Al snel hoor ik de vertrouwde luide stem van Banu, de chef de mission van de Goma missie en met veel egards wordt ik welkom geheten.

In de avond heb ik een lange discussie met Alexa, de jonge arts uit het Mweso project die inmiddels in Nederland een bekend gezicht heeft omdat ze de hoofdrol speelt in één van de MSF commercials die sinds kort op de Nederlandse televisie te zien zijn.

Woensdag 9 juni:

Met de boot boot naar Bukavu over lake Kivu. De boot vertrekt om 7.30 en ik moet om 6.30 uur al aanwezig zijn. Een kort nachtje dus als ik eindelijk om 01.00 uur mijn bed in duik.

Als we bij de haven aankomen is er geen boot, al snel blijkt dat President Kabila gisteren is aangekomen in Goma en de boot heeft afgehuurd voor een visite aan Bukavu. In Congo is alles mogelijk als je maar betaald en/of hoog in aanzien bent. De boot wordt om 11.00 terug verwacht en ik had dus gewoon lekker in mijn bed kunnen blijven. Als we eindelijk na veel bureaucratische rompslomp en stempels een boarding pass krijgen en in de kleine snelle boot mogen plaatsnemen, wil de motor niet starten. Na veel gepruttel en al drijvend slaagt de kapitein erin het ding eindelijk aan de praat te krijgen. De boot is veel te vol geladen en de hoge golven van het meer zorgen ervoor dat er bakken water door de slecht sluitende raampjes naar binnen komen. De boot klapt met oorverdovend lawaai over de golven en binnen 15 minuten wordt de eerste passagier al zeeziek. Plastic of papieren zakken voor dit doeleinde zijn niet aan boord en de passagier, een keurig uitziende Congolese zakenman zo te zien, braakt over..o nee toch… mijn rugzak zijn ruimgevulde maaginhoud uit. De zure braaklucht is binnen enkele minuten al niet meer te harden en we moeten nog 80 minuten in deze op een sardineblik gelijkende gorgelende en sputterende boot zitten. Ik ben erg blij als we aan wal staan en schone lucht kunnen inademen, minder blij wanneer ik mijn met ontbijtresten en stinkende rugzak overhandigd krijg. Eindelijk in Bukavu, waar het hoofdkantoor is van mijn nieuwe missie. Ik moet nog verder reizen maar eerst krijg ik hier een briefing en is er een vergadering over de voortgang van het project gepland met het management team waaronder mijn voorganger.

Ronald, een goede vriend van mij, werkt in dit project als Medical coördinator en we zijn erg blij elkaar weer te zien. Ik krijg van Grace, de chef de mission van het Bukavu project, een uitgebreide briefing over de security in het project. Noordoost Congo word al jaren geteisterd door oorlog en geweld en het is belangrijk dat ik op de hoogte ben wat er op dit moment speelt en waar ik als project coördinator alert op moet zijn.

Donderdag 10 juni:

Na een heerlijke avond bijkletsen met Ronald en een goede nachtrust beginnen we aan de vergadering. Voor mij wordt op deze dag al veel duidelijk waar het project op dit moment staat en wat de focus in de komende tijd zal zijn. We sluiten deze vruchtbare dag af met een gezamenlijk etentje in Bukavu stad, een echte Afrikaanse stad gelegen in het uiterste zuiden van lake Kivu.

Vrijdag 11 juni:

Om 6.00 uur in de morgen vetrekken Charmaine (mijn voorganger) en ik naar Baraka, ze gaat mij in het project nog 4 dagen inwerken voordat ze vertrekt naar huis in Canada. We hebben een lange reis voor de boeg; eerst 4 uur in de auto naar Uvira alwaar onze eigen boot op ons wacht om over het meer van Tanganyika de 6 uur durende tocht te maken naar mijn nieuwe avontuur. Een hobbelige tocht leidt ons door een schitterend landschap van honderden schakeringen groen, rode rotsen en bergen en dalen.. Uvira is een druk handelsstadje op de grens van Congo en Burundi. De markt krioelt van de mensen en het is duidelijk dat visserij de grootste markt hier heeft op de kop van lake Tanganyika. Overal zie je mensen op de fiets met manden met vis door de straten rijden. We moeten nog even langs bij het plaatselijke ziekenhuis omdat daar de Medecin chef du zone van ons district is en Charmaine wil mij aan hem voorstellen. We werken in het project samen met de Ministére de Santé en het is belangrijk dat ik hem ontmoet. De stop wordt meteen gebruikt als een plasstop want straks op de boot kunnen we 6 uur lang niet naar het toilet. Het toilet in het ziekenhuis is zo smerig dat ik al helemaal niet meer zo nodig moet en ik besluit om maar helemaal niet meer te drinken tijdens de verdere reis om ongemakken te voorkomen. De medecin chef du zone grijpt onmiddellijk deze kans aan om van allerlei vracht mee te geven bedoeld voor het ziekenhuis in Baraka. Benzine in jerrycans, medisch materiaal, vaccinatie medicijnen in koelboxen. Gelukkig is onze boot redelijk groot en gaat alles zonder problemen mee.

De boot is van hout, ouderwets model vissersboot en geschilderd in de rood/witte MSF kleuren. Vlak na vertrek zie ik aan de andere kant van het meer Bujumbura liggen, hier heb ik jaren geleden ook gewerkt en nostalgie vult mijn hart. De tocht is lang, maar schitterend, het meer ligt tussen Congo en Burundi en aan beide kanten rijst een hoge bergketen. Lake Tanganyika is één van de diepste meren ter wereld, gelegen op een breuklijn en men voorspelt dat eens het oostelijke deel aan de andere kant van het meer, afgescheiden zal worden van het vaste land en als eiland voort zal leven. Een uur voor aankomst varen we tussen vaste land en het schiereiland of  Peninsula en zien we in de verte de radiomast van Baraka als een streepje aan de horizon staan. We zijn er bijna en mijn avontuur kan na al die dagen reizen eindelijk beginnen.

jun 29
HALFTIME Geschreven door HALFTIMEVanuit HALFTIME

Dé favoriet: de ARV Swallows uit Zimbabwe!

Een bijdrage van PK Lee, communicatiemedewerker Artsen zonder Grenzen in Zuid-Afrika

Net zoals het Braziliaanse voetbalteam gezien wordt als dé favoriet van het WK, zijn de dames van ARV Swallows de grote belofte van het HALFTIME! toernooi van aanstaande vrijdag, 2 juli. Want zij mogen zich reeds kampioen noemen van het ‘HIV Women’s League Championship’ in hun thuisland Zimbabwe.

Weliswaar waren zij toen met 11 spelers. Voor dit toernooi moesten zij het team terugbrengen tot 5 spelers. Sterker nog, ze moesten een man binnen hun gelederen halen, want één van de regels van het toernooi is dat alle teams gemengd moeten zijn. En dus hebben Janet Mpalume, Meria Kabudura, Nyarai Mombera, Ivy Choga and Annasfields Phiri nu een mannelijke coach: Jonas Kapakasa.

De ARV Swallows werden in 2009 gevormd door een groep van hiv-positieve vrouwen. Zij ontmoetten elkaar in de Artsen zonder Grenzen kliniek in Epworth, een voorstad van Harare, waar zij allen onder behandeling staan. Met de oprichting van hun team wilden zij 2 stereotiepe vooroordelen een kopje kleiner maken: ten eerste dat het hebben van hiv gelijk staat aan een doodstraf, en ten tweede dat vrouwen niet kunnen voetballen.

Een aantal leden van de ARV Swallows, het damesvoetbalteam uit Zimbabwe. Foto: Joanna Stavropoulou/Artsen zonder Grenzen.

Een aantal leden van de ARV Swallows, het damesvoetbalteam uit Zimbabwe. Foto: Joanna Stavropoulou/Artsen zonder Grenzen.

De ‘football ladies’ doen mee aan het HALFTIME! toernooi omdat zij duidelijk willen maken dat de strijd tegen hiv/aids nog niet voorbij is en dat het geven van fondsen nog steeds levensbelangrijk is.

Janet Mpalume, topscoorder van de ARV Swallows heeft er zin in: ‘We trainen zo hard als we kunnen en ik ben ervan overtuigd dat wij de andere teams gaan inmaken. Als ik voetbal, voel ik dat ik leef. De mensen om me heen geven met het gevoel dat ik gewaardeerd wordt, dat ik ertoe doe.’ En nu gaan de dames over de grens naar Zuid-Afrika, een droom die uitkomt, want Janet wilde altijd al in het buitenland spelen.

Komt haar andere droom, het winnen van het HALFTIME! toernooi uit? We zullen het zien op vrijdag 2 juli in Newton Park, Johannesburg, vanaf 9.00 uur. Dan gaan zij de strijd aan met de OI Bombers ook uit Zimbabwe (kort voor Opportunistic Infection Bombers), de HIV Conquerors uit Swaziland, de Mambinha’s uit Mozambique en de twee Zuid-Afrikaanse teams Siyaphila en Fluconazole Pirates?

Wil je ook de andere teams ontmoeten en meer weten over het toernooi? Kijk op www.msf-halftime.org

 

 

Artsen zonder Grenzen werkt sinds 2000 in Zimbabwe. Ook Zimbabwe heeft een van de hoogste aidscijfers ter wereld: UNAIDS schat dat 15 procent van alle volwassenen met hiv geïnfecteerd zijn, dat er minstens 1 miljoen kinderen door aids wees zijn en dat er 120.000 kinderen met hiv zijn. Onze teams runnen programma’s voor mensen met hiv en aids in 5 districten. In totaal werden in 2009 meer dan 52.000 patiënten hiervoor behandeld (waarvan 1.000 kinderen), waarvan 39.000 een aidsremmende behandeling kregen. Ook geven zij medische zorg aan zwangere vrouwen met hiv om overdracht van het virus van moeder op kind te voorkomen, geven zij counseling en voorlichting. Daarnaast bieden de teams medische basiszorg, hulp bij ondervoeding en helpen zij slachtoffers van seksueel geweld.

jun 29
Hermien Geschreven door HermienVanuit Haïti

Smile

Smile and the world will smile with you…

Met een smile komt Cheryl naar me toe, I have a present for you. Verpakt in blauw sterilisatie papier zit een kunstig gemaakte globe van hout, de kaart van Haïti en de vlag er kleurig op geschilderd. Met grote ogen kijkt ze me aan, als ik eigenlijk niet zo goed weet wat ik zeggen moet. Er zit een kaartje bij, met lieve woorden die me raken. “You made me love orthopedics”

Nivoce neemt me bij de arm fluistert, I have a present for you… Dit keer het woord Haïti uit hout gesneden met de vlag er bij. Weer ben ik sprakeloos, deze mensen hebben bijna niets, en dan toch een cadeautje voor een ‘Mon Blanc’ die er maar 6 weken was.

Op mijn laatste werkdagen trek ik me langzaam terug van de werkvloer, ik moedig ze aan, jullie kunnen het! Echt! Ik ben erg blij dat velen een contract krijgen aangeboden bij MSF, daar spreekt een stuk erkenning uit, dat stimuleert enorm.

Mijn laatste Haitiaanse dollars geef ik uit aan ijs. Roberto haalt het voor me en ik trakteer alle OT nurses, dokters, dragers en de dames van de sterilisatie op een lekker ijsje.

Met z’n vieren staan ze daar te glunderen met een groot pakket. (Jemig, als ik dat maar mee krijg, flitst er door mijn hoofd.) Weer sta ik met mijn mond vol tanden en tranen in mijn ogen.

 

Een loeizwaar houten bord, kunstig gemaakt door een lokale houtsnijder, waarlijk een tastbare herinnering aan mijn Haitiaanse avontuur. We maken nog foto’s, wisselen e-mail uit en dan ga ik.

Mijn tolk, Emmanuel staat er op mij naar het vliegveld te brengen. Voor het laatst rijd ik langs de puinhopen en voel de hitte van Haïti, het zit er op. Ik ga naar huis.

Twee weken zijn inmiddels voorbij. Ik ben weer geland, het lichaam sneller dan de geest.

De cadeautjes staan op mijn bureau, het grote houten bord krijgt een ere plaats in het MC Zuiderzee, naast de foto’s van alle collega’s die zich ingezet hebben voor Haïti direct na de aardbeving, door zich spontaan te melden voor de Traumateams.

Uit de mailtjes die ik krijg blijkt dat het goed gaat, en dat ze me missen. Hoe gek het misschien klinkt, ik hen ook…

Die ene brandende vraag “When do you come back?”, die steeds weer opduikt, die kan ik echter niet beantwoorden.

Van de orthopeed krijg ik een mail, de door hem verwachte chaos na mijn vertrek is uit gebleven. Verbaasd constateert hij dat “ze“ het eigenlijk heel goed doen…

Hiermee sluit ik deze boeiende periode af, met een smile!

jun 23
HALFTIME Geschreven door HALFTIMEVanuit HALFTIME

De Mambinha’s uit Mozambique zijn klaar voor de aftrap!

Een bijdrage van Abilio Cossa, medewerker voorlichting & communicatie Artsen zonder Grenzen in Maputo, Mozambique

20 mannen en vrouwen deden de afgelopen weken hun best op een voetbalveld in Maputo om door de selectie voor de Mozambikaanse delegatie voor het HALFTIME! toernooi heen te komen. Ze zijn geworven vanuit de hiv- en aidsprojecten van Artsen zonder Grenzen in Mozambique. De uitverkorenen zullen hun land vertegenwoordigen tijdens het Artsen zonder Grenzen HALFTIME! toernooi op 2 juli in Johannesburg, Zuid-Afrika.

Slechts 6 van hen, 3 mannen en 3 vrouwen, mogen zich – met trots – de Mambinha’s noemen. Hun naam is afgeleid van de mamba, een bloedsnelle, uiterst giftige slang, net zoals die van het nationale voetbalteam van Mozambique: de Mamba’s.

De Mambinha's, het voetbalteam uit Mozambique. Foto: Artsen zonder Grenzen.

De Mambinha's, het voetbalteam uit Mozambique. Eén speler ontbreekt op deze foto. Foto: Artsen zonder Grenzen.

Aanvoerder Joaquim Mutola kreeg in 2007 te horen dat hij hiv-positief is. Meedoen aan HALFTIME! geeft hem de kans een stem te geven aan mensen met hiv en aids in zuidelijk Afrika. Met zijn spel wil hij mensen die niet openlijk voor hun hiv-status durven uit te komen, tot inspiratie zijn. En hij wil de wereld laten weten dat de strijd tegen aids nog niet voorbij is. Tegen mij zei hij letterlijk: ‘Ik wil laten zien dat mensen mét hiv hetzelfde kunnen doen met hun leven als mensen zónder hiv. Dankzij een aidsremmende behandeling.’

Hij en de andere Mambinha’s zijn er klaar voor om de wereld te laten zien waar zij toe in staat zijn. Elke zaterdag trainen ze om hun techniek te verbeteren, want zij willen alle wedstrijden op 2 juli winnen. ‘We willen in elk spel 3 punten tegen aids scoren!’, aldus Florência Tamele. De Mambinha’s hebben haar tot woordvoerder gebombardeerd. ‘Door mee te doen met HALFTIME! willen wij de stilte rond hiv helpen te doorbreken.’ Joaquim: ‘We willen iedereen laten zien dat ook wij hier in Mozambique grote problemen hebben met hiv en aids en we willen duidelijk maken dat er meer gedaan moet worden om de aidsepidemie te bestrijden.’

Artsen zonder Grenzen werkt sinds 1984 in Mozambique. 15 procent van de inwoners tussen de 15 – 49 jaar zijn met hiv geïnfecteerd. Hiermee heeft het land een van de hoogste hiv-cijfers ter wereld. Artsen zonder Grenzen behandelt hiv- en aidspatiënten met medische en psychosociale zorg, en geeft trainingen aan medisch personeel. In hoofdstad Maputo werken onze teams in 2 ziekenhuizen en 9 gezondheidsposten. Daarnaast geven onze medewerkers ondersteuning aan de behandeling van aidspatiënten in het noordwesten van Mozambique. In 2009 kregen 25.500 patiënten een aidsremmende behandeling van Artsen zonder Grenzen.

jun 22
HALFTIME Geschreven door HALFTIMEVanuit HALFTIME

Een tweede kans voor Jeremiah

Een bijdrage van Lungile Dlamini, medewerker voorlichting & communicatie Artsen zonder Grenzen in Mbabane, Swaziland

17 juni: in Jerusalem, een kleine plattelandsgemeenschap in the Shiselweni-regio, in het zuiden van Swaziland, zitten de leden van de Thwala familie gekluisterd aan een kleine radio. Ze luisteren naar de wedstrijd Frankrijk-Mexico, een van de wedstrijden van het WK voetbal in Zuid-Afrika.

Zij hebben zich verheugd op dit gedenkwaardige evenement. Niet alleen zijn zij, net zoals miljoenen anderen over de hele wereld, fervente voetballiefhebbers, dit WK is nog memorabeler omdat het, voor de eerste keer in de wereldgeschiedenis, plaatsvindt in Afrika, in hun buurland Zuid-Afrika. Het land heeft wereldwijd het hoogste percentage hiv-geïnfecteerden: 1 op elke 4 Swazi’s heeft hiv.

Dankzij een behandeling met aidsremmers en medicijnen voor multiresistente tbc voelt Jeremiah Thwala (48) zich weer goed genoeg om in ieder geval alvast kleine huishoudtaken op zich te nemen, zoals het doen van zijn eigen was. Foto: Lungile Dlamini/Artsen zonder Grenzen.

Voor Jeremiah Thwala, 48 jaar oud en hoofd van de familie, is de WK een welkome verademing na de misère van de afgelopen twee jaar. Zijn leven werd beheerst, en bijna afgekapt, door zijn dubbele infectie met hiv én tuberculose (tbc) – een dodelijke combinatie. Helemaal voor Jeremiah, want hij bleek ook nog eens multiresistente tbc te hebben: een vorm die veel moeilijker te behandelen is dan gewone tbc. Een behandeling met aidsremmers en een complexe medicijnenkuur geeft hem zijn leven terug.

Jeremiah Thwala (48) vertelt over de tijd dat hij net met hiv en multiresistente tbc werd gediagnostiseerd. Foto: Lungile Dlamini/Artsen zonder Grenzen.

Zijn vrouw, Patricia Masuku, was dit niet gegund. Zij overleed 5 jaar geleden omdat de familie dacht dat haar ziekte te wijten was aan toverij: een vloek die over haar uit was gesproken door hun buren. En dus riepen zij niet de hulp van een arts in. Zij is niet de enige in Swaziland die slachtoffer is geworden van dit soort overtuigingen. Maar gelukkig zijn er, net zoals Jeremiah, tegenwoordig genoeg anderen die zich wél laten testen en wél nog leven, dankzij een gratis behandeling.

Terwijl de wedstrijd vordert, kijkt Jeremiah om zich heen. Hij kijkt naar zijn twee tienerzonen en zijn dochtertje. Vol spanning luisteren ze naar de commentator. Nu is hij nog werkloos, vanwege zijn ziekte. Maar hij gaat gestaag vooruit en nu heeft hij, zo zegt hij, in ieder geval de kans om zijn kinderen groot te brengen en zijn eerste kleinkind mee te maken. Maar, zo zegt hij ook tegen mij: ‘Ik heb een tweede kans gekregen, en daar zal ik eeuwig dankbaar voor zijn. Maar ik had het ook graag gewenst voor mijn vrouw.’

Met volle teugen geniet hij van de wedstrijd. Voor velen is deze wedstrijd wellicht niet heel speciaal, maar voor Jeremiah en zijn kinderen is het magisch.

 Artsen zonder Grenzen werkt sinds 2007 in Swaziland. In de zuidelijke regio Shiselweni bieden onze hulpverleners medische zorg aan mensen met tuberculose en hiv en/of aids. Tuberculose is de grootste doodsoorzaak van mensen met hiv. Eén ziekte van de twee behandelen is niet genoeg: aidspatiënten kunnen nog steeds aan tbc doodgaan en tbc-patiënten sterven vaak aan hiv/aids. Artsen zonder Grenzen geeft daarom een geïntegreerde behandeling. Eind 2009 kregen meer dan 3.300 mensen een behandeling tegen tuberculose en kregen 8.000 mensen een aidsremmende behandeling van Artsen zonder Grenzen. Multiresistente tbc maakt een opmars in Swaziland. In 2009 behandelde Artsen zonder Grenzen er 96 patiënten voor deze extra gevaarlijke vorm van tbc.

* Bron: UNAIDS, 2009 Epidemic Update, www.unaids.org

jun 18
HALFTIME Geschreven door HALFTIMEVanuit HALFTIME

Wij presenteren: de HIV Conquerors!

Een bijdrage van het team van Artsen zonder Grenzen in Swaziland 

Dit jaar strijden er 6 Afrikaanse teams om de titel van wereldkampioen voetbal. Maar zij zijn niet de enige Afrikaanse teams die zullen proberen de bal in het doel van hun tegenstander te krijgen. 

Want op vrijdag 2 juli spelen zes andere voetbalteams in het HALFTIME! toernooi in Johannesburg. Op dezelfde dag dat de kwartfinale van het WK begint, zullen de teams één dag lang tegen elkaar spelen. Hùn doel: de wereld duidelijk maken dat de strijd tegen aids nog maar in de eerste helft zit, en dat om te scoren tegen aids, deze strijd absoluut voortgezet moet worden. 

Het eerste team stellen we alvast aan je voor: de HIV Conquerors. Alle leden komen uit Swaziland, een buurlandje van Zuid-Afrika, het land met het allerhoogste percentage ter wereld van mensen dat met hiv geïnfecteerd is: 26%.* Onder hen patiënten die nu weer andere aidspatiënten begeleiden, en voor Artsen zonder Grenzen werken. 

Elke zondag trainen de HIV Conquerors uit Swaziland ter voorbereiding van het HALFTIME! toernooi op 2 juli, in Johannesburg. © Artsen zonder Grenzen

Deze zeven leven met hiv en vormen voor het eerst een groep. Zij willen deelnemen aan HALFTIME! Ze willen laten zien dat hiv-positief ook betekent dat je positief door het leven kan gaan, dat je alles aankunt. Ze willen hun ervaringen delen met andere mensen die met de dreiging van aids moeten leven. En, zij willen duidelijk maken dat het essentieel is dat donororganisaties en landen blijven investeren in de strijd tegen aids. 

De HIV Conquerors (De Hiv Overwinnaars) zijn volop in training. Per bus zullen ze afreizen van Swaziland naar Zuid-Afrika. Hun plannen zijn groots: ze willen 15 goals maken tijdens het toernooi. 

Artsen zonder Grenzen werkt sinds 2007 in Swaziland. In de zuidelijke regio Shiselweni bieden onze hulpverleners medische zorg aan mensen met tuberculose en hiv en/of aids. Tuberculose is de grootste doodsoorzaak van mensen met hiv. Eén ziekte van de twee behandelen is niet genoeg: aidspatiënten kunnen nog steeds aan tbc doodgaan en tbc-patiënten sterven vaak aan hiv/aids. Artsen zonder Grenzen geeft daarom een geïntegreerde behandeling. Eind 2009 kregen meer dan 3.300 mensen een behandeling tegen tuberculose en kregen 8.000 mensen een aidsremmende behandeling van Artsen zonder Grenzen. 

* Bron: UNAIDS, 2009 Epidemic Update, www.unaids.org

jun 16
HALFTIME Geschreven door HALFTIMEVanuit HALFTIME

Van de reservebank het veld op

Een bijdrage van Marcell Nimfuehr, communicatieadviseur Kameroen voor Artsen zonder Grenzen

In januari reisde ik naar Kameroen om een gezondheidsvoorlichtingsfilm te maken. Sylvestre, een patiënt van ons die zich ook inzet in de gemeenschap, kreeg van ons de hoofdrol. Hij spoort mensen aan die ziek zijn om medische hulp te zoeken bij Artsen zonder Grenzen.

Sylvestre is een bescheiden man van rond de dertig. Als hij praat, spreekt hij met zachte stem. Maar in het ziekenhuis van Akonolinga, een stadje in het oosten van Kameroen, is hij de baas van het televisietoestel. Vooral als er voetbal op tv is. Hij is een voetbalfan in hart en nieren en praat het liefst over zijn held Roger Milla, ooit verkozen tot Afrika’s beste voetbalspeler. Tijdens het WK van 1990 verraste het nationale elftal vriend en vijand: Milla, 38 jaar oud, maakte 4 briljante doelpunten, wat Kameroen een plaats opleverde in de kwartfinale. Daarvoor waren er velen die dachten dat Afrikaanse teams geen serieuze kans hadden op de grote winst.

Toen ik er was, deed Kameroen mee aan de Africa Cup of Nations in Angola. Meer dan 50 patiënten die onder behandeling waren (voor Boeroeli-zweer, een tropische bacteriële infectie die huid en ander weefsel ernstig aantasten), keken samen met Sylvestre (hier in blauw shirt) hoe de spelers van het Kameroense team de bal over het veld liet rollen. Bij elke speelkans juichten en joelden ze, maar helaas…Kameroen verloor.

In het Artsen zonder Grenzen ziekenhuis van Akonolinga, Oost-Kameroen, kijken patiënten hoe Kameroen strijdt om de Africa Cup, januari 2010. © Artsen zonder Grenzen

Nu strijden Les Lions Indomptables, ofwel De Ontembare Leeuwen, zoals het nationale voetbalelftal van Kameroen wordt genoemd, opnieuw om de beker. Ze worden tot de beste spelers van de wereld gerekend en hun winkansen worden hoog ingeschat. Maar er speelt zich ook een andere strijd af in Kameroen, waarvan het einde nog lang niet in zicht is. Slechts de helft van alle mensen die aidsremmers nodig hebben, krijgt die ook. In voetbaltaal: op elke 11 mensen in het veld, zitten er 11 op het reservebankje.

Ik weet zeker dat als Kameroen zaterdag de 19e tegen Denemarken speelt, iedereen in het ziekenhuis in Akonolinga weer rond Sylvestre’s tv zit. Ik hoop voor hen dat ze trots kunnen zijn op hun Leeuwen!

In 2000 startte Artsen zonder Grenzen een hiv-behandelingsproject op in Yaoundé, de hoofdstad van Kameroen. In 2003 volgde een tweede project, in de stad Douala. In 2008 droeg Artsen zonder Grenzen de projecten over aan het ministerie van Volksgezondheid van Kameroen. Begin 2010 startte Artsen zonder Grenzen er opnieuw een project in de strijd tegen aids. Ditmaal gaat het om de behandeling van aidspatiënten die resistent zijn geworden tegen eerstelijnsmedicijnen, een lot dat 1 op elke 11 aidspatiënten in Kameroen treft. Volgens UNAIDS zijn er naar schatting 5,1 miljoen mensen met hiv in Kameroen.

jun 10
Hermien Geschreven door HermienVanuit Haïti

Care takers

Mantelzorgers noemen wij hen.

Ik ben aan mijn laatste 24 uur dienst begonnen hier op de compound van het Orthopedisch Hospital in Carrefour, Haïti. Teruglopend van het (drop off) toilet, langs de tenten zie ik hen weer, de care takers.

2 jongetjes rennen naakt  rond bij de douches, een oudere vrouw probeert hen tot een serieus bad te bewegen. Een man op krukken staat met z’n ene nog resterende been in een teiltje. Zijn voet wordt gewassen door een andere man die op zijn knieën op het beton ligt.

Een vader scheert liefdevol en behoedzaam het hoofd van zijn zoontje kaal, met een scheermesje. Ik vraag of ik een foto mag maken, dat mag, met een klein stoffertje veegt hij de haartjes weg.

Een rij vrouwen doen elkaars haar, kunstige vlechtjes houden de enorme bossen haar in toom, makkelijker om te wassen ook. Een vrouw met een arm in het gips, krijgt hulp bij het wassen van haar haren.

In tent 3 ligt een stelletje zachtjes te praten op zijn bed, een been in de tractie en een arm in het gips. Zij is er dagelijks, wast hem, doet zijn was, zorgt voor eten enz. MSF zorgt voor twee goede maaltijden per dag voor de patiënten, en de care takers pikken daar een graantje van mee.

Gisteren tilden onze carriers zich een breuk aan een “big mama” zoals ze zichzelf breed lachend noemde, van 150 kg. Bijna verpletterd onder haar eigen gewicht lag ze naar adem te snakken. Op mijn vraag aan de care taker of Mama kan lopen, zei ze ja, en met vereende krachten hebben we haar naar de OK tafel begeleid. Tot grote opluchting van de carriers.

In tent 4 zit een moeder naast haar zoon, Petite J, zijn private parts bedekt met een handdoekje. Ze wast hem liefdevol van top tot teen. Hij heeft een gebroken onderbeen, er is niks met zijn handen, Petite J.is 1,80 cm, weegt 95 kg, en is 28 jaar………..Zijn moeder wijkt al 2 weken niet van zijn bed.

86 jaar, bijna blind, een lange man bijgestaan door een frêle vrouwtje ligt bij te komen van de revisie van zijn onderbeen die we gedaan hebben. 4 maanden na de aardbeving, en op de een of andere manier nooit behandeld.  Zij, zijn dochter, ook al op leeftijd, geeft hem drinken en roept ons als het verband weer eens door gebloed is. Ik vraag me af hoe en waar ze de afgelopen 4 maanden hebben gewoond.

Bijna 100 bedden hebben we in de 5 tenten, met de care takers erbij lopen er dus zo, n twee honderd mensen rond. Tel daarbij de ongeveer 100 OPD (poliklinische patiënten), de ruim 100 man personeel erbij en je hebt een idee van de drukte op de compound.

Het is inmiddels  donker, uit de tenten klinken stemmen , er wordt gelachen. De meeste care takers zijn weer naar “huis”, het hutje, de plastic shelter, of de ruïne van wat eens hun huis was. Morgen om 7 uur zijn ze er weer, de care takers!

jun 9
Hermien Geschreven door HermienVanuit Haïti

Gelukkig

Voor het eerst voel ik me hier echt gelukkig. Ik sta op het balkon van mijn kamer waar ik nu sinds twee dagen geniet van daglicht, frisse lucht en uitzicht op de oceaan. Er bouwt zich een enorme onweersbui op, de lucht wordt zwart, de bliksem flitst en in de verte rommelt het. Als ik uit de douche kom is de bui los gebarsten, het water komt bij bakken uit de lucht vallen, de aangewakkerde wind blaast de regen op het balkon zodat ik in een fijne nevel van lauw warm water sta. Alle sores van de afgelopen weken  vallen van me af, wat is dit heerlijk. Ik sta er zeker 20 min.  en bedenk dat ik nog 4 werkdagen te gaan heb.

Het werk in de OK gaat steeds beter. C deed vandaag een hele moeilijke Tibia nail, met de net gearriveerde nieuwe chirurg die de dingen net weer ietsje anders doet. G, die omloopt , doet het ook steeds beter. Het loopt!!! Het geheel oogt professioneel.

Ik krijg een compliment van de “nieuwe” chirurg  over de organisatie en voorbereidingen van de operatie. Hij vraagt zich alleen af hoe het moet als ik straks weg ben.

Ik besteed veel tijd aan een soort  Ok regelement, aan de dicipline kan nog wel wat verbeterd worden. Een collega vertaalt het voor me in het Frans, ik reik het aan alle OK medewerkers uit.

De  grote bestelling  is binnen, uren heb ik schroefjes staan uitpakken,tellen en op ruimen in de berging van de Hospitainer waar de temperatuur moeiteloos de 40 C haalt. Het zweet gutst van me af.

Alle instrumenten sets hebben een vaste plek gekregen, voorzien van labels. In een oog opslag kun je zien wat er  aanwezig is ,cq mist.

 Fotokopieën , setbeschrijvingen, en protocollen zitten in een map of hangen aan de wand. Twee trainingsets voor Femur en Tibia staan voor het grijpen. Voor elke ingreep vraag ik de instrumenterende me te laten zien dat ze weet hoe het instrumentarium werkt.

Er hangt een OK schema bij de ingang van de OK, daarop staat door de specialist aangegeven wat hij wil gaan doen en wat hij daarvoor nodig heeft. De sterilisatie afdeling informeren we de dag van te voren wat we nodig hebben. Kortom het werkt.

Daarom voel ik me gelukkig, druipend van de regen, omgeven door donder en bliksem terwijl ik terug kijk op de afgelopen dagen.

Vrijdag ga ik naar huis.

Gelukkig!

jun 2
Arend Jansen Geschreven door Arend JansenVanuit DR Congo

Tumahini kliniek

  Beelden uit de Tumahini kliniek voor vrouwen

jun 2
Arend Jansen Geschreven door Arend JansenVanuit DR Congo

Fysieke uitdaging

  De rivier oversteken met de motor

jun 2
Arend Jansen Geschreven door Arend JansenVanuit DR Congo

Een deel van het ziekenhuis in Mweso

  Bekijk de webclip van mijn rondleiding door het ziekenhuis

jun 1
Hermien Geschreven door HermienVanuit Haïti

Kruiwagen

We worden ingehaald door een kruiwagen, voortgeduwd door een man, een kruiwagen vol met ananas. Een kruiwagen is een rijk bezit hier op Haïti op dit moment. Overal zie je ze, ‘s morgens al dan niet beladen zich een weg banen door het chaotische verkeer. Ze worden verhuurd, je kunt er geld mee verdienen, sommige eigenaren hebben de kruiwagen versierd met Bijbelteksten zoals op de bussen, Deo Volente, Merci Jesus. Met stukken karton wordt er een extra rand gemaakt, zo kan er nog meer in.

Zo ook de vrouwen die met opgeheven hoofd grote aluminium schalen dragen, nog eens extra hoog gemaakt door kartonnen stroken te plaatsen. Vaak is zo, n schaal alleen niet meer te tillen en wordt het door iemand anders op het hoofd gezet.

Water, water is een kostbaar goedje, voor een luttel bedrag worden er kleine zakjes gekoeld water verkocht. 250 ml zit er in. Iedereen lurkt aan zo, n zakje, die door allerlei verkopers aan de man/vrouw worden gebracht. Achter het stuur, zie je bv de chauffeur met het zakje tussen z, n tanden geklemd zich door de slag- gaten worstelen. Als het zakje leeg is wordt het op straat gesmeten, valt nauwelijks op tussen de duizenden  andere zakjes en lege limonade flesjes. Geiten scharrelen er vrolijk tussen en eten plastic. ( Genoeg om de melk die ze geven meteen in de plastic zakjes te doen……..)

Een vrouw staat doodgemoedereerd met een zwart varken aan een touw te wachten om over te steken, zoals wij de hond uit laten. Haar gele jurk met rode lovertjes schittert in de ochtendzon.

Een vrouw komt bedelen aan het open auto raam, ze praat moeizaam, als we weer doorrijden druipt ze af, ik zie dat ze halfzijdig verlamd is en zich op blote voeten moeizaam door het verkeer beweegt. Haar huid ziet er slecht uit, en het haar is uitgevallen, haar kleren vol gaten. Je voelt je tamelijk hulpeloos  op zo’n moment, je kunt niets voor haar doen.

De man met de kruiwagen komt voor de derde keer voorbij.

Vandaag is het de dag van de Baby Doll’s. Onze route wisselt bijna elke dag en zo kom je ook langs andere mensen, aan deze route ligt een Kindergarten, niet te missen door de vrolijke Disney figuurtjes op de muur en de schattige kindjes, vandaag gekleed in zuurstok roze pakjes die nog het meest op een Baby Doll lijken, zo’n ballon broekje en een tuniekje met pofmouwtjes. Tientallen roze poppetjes worden door papa of mama naar de crèche gebracht. Vrolijke kindjes met strikjes in de rasta vlechtjes, zo misplaatst tussen de puinhopen.

In het voetbal stadion van Carrefour heerst orde en netheid. Lange rijen tenten, strak in het gelid, echte bordjes en richting aanwijzers wijzen me de weg naar de OP en Sterilisations abteilung.

Het Duitse Rode Kruis is hier neer gestreken, samen met de Finnen runnen ze dit hospitaal. Orthopedie doen zij niet, maar kregen wel een niet te tillen kist met allerlei platen en tractie beugels. Of wij daar wat aan hebben, we krijgen toch al alle fracturen van hen doorverwezen? Nu graai ik samen met Johannes tussen de spullen. Ik zoek wat uit om aan de traumatologen te laten zien. Het merendeel bestaat uit hoekplaten, maar met wat knip en vijl werk goed te gebruiken.

Ik kijk even in hun OP tent, een jonge arts assistente buigt zich over een lelijke open knie fractuur. Ze kijkt bijna opgelucht als ik wordt aangekondigd als DE orthopedische OT nurse. Zal ze toch nog een tractie aanleggen? Of maar meteen naar MSF verwijzen? Dat laatste lijkt mij een strak plan.

Bij de Maternity Ward, Moeder en Kind afdeling, zit een verpleegkundige met een piepklein baby’tje, (de luier is groter dan het kind,) de helft van een tweeling, jongetjes, nr 9 en 10 van de moeder die deze bevalling niet overleefd heeft. Ik kijk in de tent en zie de oma bij het andere frummeltje, daar zit je dan, je dochter dood en 10 kinderen waarvan de zorg nu op jouw schouders rust.

Aan het eind van de middag zie ik de man met de vreselijke knie wond, hij gaat aan de tractie en staat voor morgen op het OK programma. Ik zoek mijn spullen bij elkaar, zet mijn hoed op, zeg iedereen gedag en maak me op voor weer een boeiende rit naar huis.