Deze week was de tuberculose/hiv adviseur er. De organisatie Artsen zonder Grenzen heeft verschillende adviseurs die de projecten adviseren op inhoudelijk niveau. Voor het medische team betekent dat discussies over nieuwe mogelijke programma’s, een evaluatie van een bestaand programma, advies, hulp etc. Dit keer was de TB/Hiv adviseur gekomen omdat we wilden evalueren of we het bestaande TB programma zouden kunnen ondersteunen en of we met Hiv/aids behandeling zouden moeten en/of kunnen starten.
Tuberculose is een typische armoede ziekte omdat het een besmettelijke ziekte is die via hoesten overdraagt en als veel mensen dicht op elkaar leven gaat dat sneller. Daarbij zijn mensen met een verminderd immuun systeem er ook vatbaarder voor, de verklaring waarom TB meer voorkomt in Hiv patiënten en ondervoede kinderen bijvoorbeeld. Wij zien dan ook heel wat casussen maar tot dusverre hebben we er nog geen officieel programma voor omdat TB een hele lange behandeling is en als je maar de helft van je kuur neemt dan kan er resistentie ontstaan en dat is weer heel moeilijk behandelbaar. Er is wel al een lokaal programma maar door supply problemen, training en een gebrek aan goede supervisie komt het toch regelmatig voor dat ze geen medicijnen kunnen verstrekken of dat patiënten niet terug komen voor hun vervolg afspraak. Dan heb je dus weer extra personeel nodig dat die mensen thuis opspoort en dat is er op dit moment niet.
De adviseur die kwam bezocht de verschillende centra, sprak met alle verschillende spelers en was ook veel klinisch bezig met ons. Zo keken we samen nog is kritisch naar wanneer je nou TB verdenkt in een ondervoed kind met longontsteking en hoe lang je wacht met het beginnen van je behandeling. Dat is belangrijk omdat TB medicatie pas na 2 weken begint te werken en de diagnose in kinderen klinisch is (er is dus geen laboratorium test voor in kinderen), daarbij is het een 6 maanden behandeling dus wil je kinderen ook weer niet onnodig behandelen.
Anders dan TB heeft Hiv hier nog een lage prevalentie. Dat komt omdat de mensen door de onveiligheid heel erg geïsoleerd leven. Er is dan wel veel seksueel geweld door de oorlog en veel seksueel overdraagbare ziekten maar de grote wegen die Hiv van de grote steden naar het platte land verspreiden (vrachtwagenchauffeurs), hebben hier (nog) geen toegang. Dat betekent dat we niet erg veel patiënten zien die de gespecialiseerde behandeling nodig hebben maar de gevallen die je ziet zijn toch altijd wel erg schrijnend. Dat roept voortdurende discussies op binnen Artsen zonder Grenzen omdat het zo nodig is maar ook zo lastig omdat het een levenslange behandeling vraagt en dat doen we toch ook niet voor zoveel andere chronische ziekten. Feit is wel dat het een van de grootste gezondheidsproblemen in Afrika is op dit moment en dat het eigenlijk gewoon in het basispakket van zorg zou moeten horen, onafhankelijk van hoe moeilijk of duur het is.
Ik ben heel benieuwd naar wat de beslissingen gaan worden, mochten we beginnen dan houd ik jullie natuurlijk op de hoogte. Wat betreft de TB denk ik dat we het lokale programma zeker wat meer gaan helpen, ik was zelf al erg tevreden met drie kleine ondervoede meisjes die we wat vroeger dan normaal op TB medicatie gezet hebben en toen ik op vakantie ging al wat aan het opknappen waren. Het zou mooi zijn als we hun ook kunnen verzekeren van een goede vervolg kuur zonder medicatie ruptuur.
Kijk ook op http://www.msf-azg.be/tuberculose_nl/index.swf voor meer informatie over TB.