sep 30
Maartje Geschreven door MaartjeVanuit DR Congo

Expeditie Robinson

Vrijdagochtend, zes uur. In de MSF basis in Katshungu is al een grote bedrijvigheid. Alle chauffeurs zijn bezig hun motors vol te laden en wij pakken de laatste dingen in. Afgelopen nacht heeft niemand veel geslapen. De 4 chauffeurs, waarvan er drie die dag daarvoor met de PC Martine al uit Lulingu waren gekomen, vonden het veel te gezellig om met z’n allen op de matrassen in de woonkamer te liggen en keten de hele nacht door. En Martine en ik hadden ons hoofd te vol met de laatste voorbereidingen om goed door te slapen. Maar de frisse ochtendlucht, een kop koffie en een flinke dosis goede moed tovert bij iedereen een grote glimlach op het gezicht, om 7 uur is iedereen klaar, de motoren ronken en we gaan op pad!!

De reden van deze vier daagse tocht is om een explo (exploratie missie) te doen naar Kigolube. Kigolube is een dorp op 120 kilometer afstand van Katshungu, waar 4 wegen bij elkaar komen. Afgelopen Mei zijn er vele vluchtelingen van de dorpen aan deze wegen naar Katshungu en Lulingu gevlucht. Maar op dit moment lijken de vluchtelingen weer terug naar huis te keren. Zij gaan terug, maar naar wat voor situatie keren zij terug? Is er zorg, is er voedsel? Met deze vragen in onze rugzak rijden we door de vroege ochtendmist richting Kigolube.

Na drie uur rijden  over paadjes bedekt door hoog gras en over boomstambruggetjes komen we aan in Wankenge. In ons healthcentre in Byangama hebben we de afgelopen week kinderen ontvangen met kinkhoest die uit dit dorpje vandaan kwamen. We praten met de bevolking om meer info over deze gevaarlijke kinderziekte te krijgen, maar het geluid dat we horen geeft duidelijk het probleem weer. Meerdere kinderen vertonen de bekende, niet-stoppende zeehondenhoest. We komen erachter dat vele kinderen niet inge-end zijn. Door de slechte weg en de grote afstand naar het eerste healthcentre met een koelkast, is het zeer moeilijk voor verpleegkundigen om hier te komen, en bereiken ze dit dorp maar zelden. We proberen de ouders te overtuigen om hun kinderen naar ons healthcentre in Byangama te brengen voor zorg.

We vervolgen onze weg, in verschillende dorpjes stoppend om met de mensen te praten. Over het algemeen zien de mensen er goed uit. Ze vertellen ons dat ze wel een paar uur moeten lopen om bij healthcentres te komen , dat is moeilijk. Maar de healthcentres zijn onderhouden en ondersteund door een grote international NGO.

Naar mate we de weg vervolgen wordt deze steeds moeilijker. Het regenseizoen is begonnen en dit heeft de paadjes die we berijden veranderd in een grote modderpoel. Tegen twaalf uur, na zo’n 60 kilometer te hebben afgelegd komt de eerste uitdaging in zicht; een prachtige rivier, maar geen brug…. Maar we zijn niet voor een gat te vangen, dus Martine en ik trekken onze schoenen uit, stropen onze broeken op en waden onder het oog van de gehele bevolking door het water naar de andere kant. De chauffeurs crossen ook naar de overkant waar een motor aan de oever nog flink vast komt te zitten, maar met vereende krachten krijgen we deze ook aan de kant.
De mensen weten niet wat ze zien, twee blanken, en dan ook nog eens vrouwen, hier op de motor?!!! En man verzamelt al zijn moed om deze twee meiden toch eens even te vertellen dat vrouwen geen broek horen te dragen. Maar onze chauffeurs nemen het voor ons op en vertellen de papa dat dit is voor de bescherming op de motor.

Hierna wordt de uitdaging alleen nog maar groter; nog een rivier zonder brug, twee vreselijk oude bamboebruggen bijna instortend terwijl we eroverheen rijden (ik met mijn ogen dicht….), bomen op de weg waarover we de motors heen moeten tillen en een groot bamboebos waar we met machettes het modderpad vrij moeten maken en in één uur, 2 kilometer weten af te leggen…
De dag vliegt voorbij en we lijken steeds minder vooruit te komen. Uiteindelijk bevinden we ons tegen een uur of zes op vijf kilometer afstand van Kigolube, en komen we op een beter stuk weg waaraan al gewerkt is. Tot we op een laatste uitdaging stuiten… Een diepe rivierbedding, met een brug in aanbouw, de structuren aan de oevers zijn er al, mooi in cement, alleen de brug mist nog. Oeps.
We hebben geen keus, dus maken snel een actieplan; de motors langzaam naar beneden laten zakken, over de rivierstroom wordt een bruggetje gebouwd met twee planken, en dan, ja dan de motors weer naar boven tillen…. Het is een enorm zware opgave, want het is ontzettend steil. Onze chauffeurs geven alles wat ze hebben en uiteindelijk staan we na zo’n drie kwartier met z’n allen en de motors aan de overkant. Uiteindelijk rijden we aan het begin van de avond uitgeput Kigolube in.

De bevolking van Kigolube kijkt heel verbaasd als er opeens een delegatie op de motor aankomt rijden en ze in de schemer twee blanke gezichtjes onderscheiden. Maar ze ontvangen ons team heel hartelijk, ze vinden twee kamers voor ons in de pastorie en we vinden een mama bereid om voor ons te koken. Zo sluiten we onze dag af met een gezamenlijke maaltijd met ons team. Fou fou, tsombe en kip. Nog nooit zo lekker gegeten !

De volgende ochtend is iedereen al weer vroeg uit de veren, we hebben veel te doen. We verdelen de taken, wat niet moeilijk is met dit multi-tasking-team. Twee chauffeurs gaan zich buigen over het logistieke deel van het huishouden, eten kopen en drinkwater filteren. Met de twee andere chauffeurs vertrekken Martine en ik voor een kennismakingsrondje naar alle autoriteiten. We ontmoeten twee bijzondere mannen, de ‘chef de groupement’, een oude traditionele leider; hij zegt weinig maar zijn ogen stralen alle wijsheid uit en de ‘chef de poste’, zeg maar de burgemeester van Kigolube, een man die een openhartig gesprek met ons voert en de gave heeft om de hele situatie niet zwart-wit te bekijken maar alle kanten kan belichten en begrijpen. We ontmoeten vele mensen die dag en leren heel veel over de situatie in en rondom Kigolube, we praten met vluchtelingen, met verpleegkundigen, met leraren, noem maar op. Aan het eind van de dag zit ons hoofd vol informatie en is het kladbok volgeschreven. Ondertussen is het kamertje waar Martine en ik slapen veranderd in een opslaghok en liggen we daar tussen de maniok, zoute gedroogde vis en benzine. Een bijzondere mengeling van geuren die al je zorgen over zweetsokken overstemd.

En elke avond sluiten we af met een gezamenlijk team maaltijd. We praten over de dag en maken er de traditie van dat iedereen drie dingen moet noemen die de afgelopen dag een grote glimlach op zijn gezicht hebben gebracht. Ik heb er genoeg; geniet van de teamspirit, geniet van de bijzondere mensen die we ontmoeten en ben blij om het goede werk van een grote NGO hier te zien, die verschillende gezondheidscentra in de regio ondersteunt.

De volgende dag hebben we een hele grote vergadering met alle autoriteiten, groepen en de bevolking in de kerk. De mensen vertellen over hun problemen en stellen vragen aan ons. Maar ook zijn er kritische geluiden te horen en doen mensen sterk afwijzende uitspraken over andere groepen in het conflict. Het hele team is na afloop erg trots op onze PC Martine, die heel duidelijke uitleg heeft gegeven en de neutraliteit van MSF goed heeft bewaakt en doen overkomen.

Gedurende de dag hebben we het ook veel gehad over onze terugweg. Na twee nachten vol zware regenbuien lijkt de weg waarop we gekomen zijn onbegaanbaar en gevaarlijk. De andere optie is om de weg naar Bukavu te rijden, alleen dit zou betekenen dat we de frontlijn moeten passeren. Uiteindelijk kiezen we in overleg met onze Head of Mission toch voor deze optie en vertrouwen op onze contacten en neutraliteit.

Maandagochtend staan we om kwart voor vijf al op om alles te pakken en vertrekken we om 6 uur s ochtends terwijl Kigolube ontwaakt. De weg is rotsachtig en modderig, maar nog altijd beter te doen dan de heenweg. Aan het eind van de ochtend komen we aan de frontlijn. De weg is leeg en we vinden verlaten dorpjes waar iedereen is weg gevlucht. Zonder problemen rijden we langzaam door dit stille gebied heen.
Aan het eind van het niemandsland vinden we een groep mensen die de weg af komen rennen. Ze zijn eerder al gevlucht naar een volgend dorp maar komen met angst voor hun leven terug naar hun velden om eten op te halen. De mensen hebben verscheurde kleding, zien er slecht uit en ik zie de mengeling van doorgegane angst en opluchting dat ze het weer gered hebben in hun ogen. Het geeft me kippevel.
Het is wel duidelijk dat er een nieuwe groep vluchtelingen is ontstaan, die een andere kant zijn op gevlucht. Ik hoop dat we hier snel heen kunnen om te kijken hoe hun situatie is.

Uiteindelijk komen we, onder het gekletter van opnieuw een enorme regenbui, doorweekt aan in Nzimberie, waar onze Head of Mission ons met koekjes, cola en een vrachtwagen staat op te wachten. Zo rijden we aan het eind van de dag met auto en vrachtwagen vol motoren Bukavu binnen.
Tijd voor een heerlijke maaltijd en een heerlijk bed, om morgen weer terug naar het project te vliegen!

sep 25
Arend Geschreven door ArendVanuit DR Congo

Halle de l’etoile

Het is Vrijdag avond en het frans cultureel centrum heeft weer een Jazz café georganiseerd. Als we aankomen komen de vrolijke Afrikaanse ritmes ons tegemoet. De band weet zeker goed te spelen…. Totdat een zangeres haar mond opendoet. De combinatie van overschreeuwen, niet weten hoe de microfoon werkt en een slechte geluidsinstallatie maakt dat ik binnen 5 minuten zo doof als een kwartel op de grond lig van het lachen. De zang is ZOOO slecht…

Later blijkt dat de microfoon op een zanger van de band is afgestemd die bovendien weet hoe je moet zingen. Het ene blije deuntje volgt het andere. Er is zo veel musikaal talent in Lubumbashi… de drummer speelt geweldige solo’s… de zanger/gitarist weet te ontroeren met goede rifjes… de pianist speelt waarschijnlijk iedere Zondag orgel in de lokale kerk, maar heeft zeker gevoel voor ritme… de djembe wordt vaardig gehanteerd resulterend in een mix van muziek waar Paul Simon op zijn graceland album jaloers op zou zijn.

Elke zoveel liedjes is er een gast zanger /zangeres die enthousiast en erg luid wordt aangemoedigd door een groep vrienden. Franstalige hiphop, Engelse Reggae, Klassiek duet… en natuurlijk congolese ritmes… alles komt voorbij op deze jazz avond behalve jazz.

Aan het einde van de avond neemt lokale karrentrekker John Livingstone (I presume ;-) plaats achter het drumstel en weet met enkele Bob marley achtige deuntjes de voetjes van de vloer te krijgen.

De ober maakt ons blij met een koud biertje en proost op onze dorst: a votre soif!! Nou dat gaat wel lukken deze Vrijdagavond. De dorst is gelest zowel inwendig als cultureel.

sep 24
Maartje Geschreven door MaartjeVanuit DR Congo

Living in paradise??

Living in paradise?? Komende maanden leef ik letterlijk in de jungle! De jungle in Zuid-Kivu, wauw wat is het ongelofelijk mooi hier. Het kost wel wat moeite om er te komen; van Amsterdam naar Nairobi en daarna naar Kigali vliegen. Dan vijf uur met de auto door een van de nationale parken van Rwanda naar Bukavu (Congo). En vanaf Bukavu anderhalf uur met de auto naar een mini-vliegveld en dan met een piepklein vliegtuigje naar een landingsbaan in de jungle….

Het vliegen in het vliegtuigje was ook heel bijzonder. Al moest ik wel heel erg sterk denken aan mijn vriend Sam, die hier een jaar geleden verongelukte. Gelukkig kwam ik de dag voor de vlucht op de vergaderveranda van het kantoor in Bukavu twee foto’s van Sam tegen. Zoals altijd met zijn grote glimlach, die ook vanaf een foto al weer een glimlach bij mij teweeg brengt. Lieve Sam, altijd positief en enthousiast, ik ga ervoor.

Het vliegtuigje werd volgeladen met medicijnen en materialen, alles werd goed vastgebonden en wij klommen er met 4 MSFers, expat en national staff, in. Naast de piloot en de co-piloot ook nog een jongen in een hesje, die hielp met inladen en later de steward bleek te zijn. De co-piloot deed voor opstijgen een praatje over de vlucht: “Welcome ladies and gentleman, fasten your seatbelt, this is a non-smoking flight, emergency exit is there, first-aid box there, satellite telephone there. Have a pleasant flight, thank you for flying with us”. Wij zaten met z’n vieren trouw te knikken…. Jammer genoeg geen demonstratie over hoe een zwemvest aan te trekken!

Doordat het vliegtuigje zo klein is ben je veel gevoeliger en minder stabieler in de lucht, daar moest ik wel even aan wennen. Maar het uitzicht, vliegend over de jungle, prachtig mooi. Na ongeveer tien minuten in de lucht stond de jongen in het hesje opeens op mijn schouder te tikken, met een dienblad met een flesje water en een pakje koekjes. Nog catering ook, geweldig!

De landing ging super moet ik zeggen, met een zachte plof kwamen we neer en ja, daar sta je dan in de bush. Mijn projectcöordinator stond ons al op te wachten samen met 5 motorrijders. Want we waren er nog niet! Er stonden nog 40 minuten achter op de motor op het program. Nog een uitdaging.. maar nadat ik me de eerste 10 minuten krampachtig had vastgehouden aan de bagagedrager, probeerde ik me wat meer te ontspannen en af en toe een hand los te laten om te zwaaien naar de kinderen die aan kwamen rennen. Ook mijn hoofd (helm) kwam wat meer in beweging en in plaats van naar de chauffeur voor me keek ik nu om me heen, terwijl we over de zandpadjes tussen kleurrijke bloemen, planten en bomen heen reden. Uiteindelijk kwamen we aan in Lulingu, waar we in de pastorie bij de paters slapen.

Qua omgeving is het ‘living in paradise’. Helaas, als je door de schoonheid heen kijkt, zie je veel verdriet en ellende. De recente gevechten hebben duizenden vluchtelingen opgeleverd, die leven bij gastfamilies. Voor de bevolking die tussen de strijdende partijen zit zijn geweld en verkrachting aan de orde van de dag. Velden zijn geplunderd, waardoor er voor de verdriedubbelende bevolking al helemaal niet genoeg te eten is.

Mijn reis zal woensdag verder gaan naar Katshungu, een reis van vier uur met de motor en halverwege met een pirogue (een houten bootje) de rivier over. Hier zal ik gestationeerd zijn, samen met een logistiek medewerker. Wij gaan ons concentreren op het ondersteunen van in ieder geval een health centre (een gezondheidspost) en met de andere componenten waarmee we ons programma zullen uitbreiden als we meer informatie hebben over waar de nood het grootst is.

Het is nu zondagochtend, ik zit op de veranda bij de pastorie en hoor de prachtige liederen uit de kerk zingen… het zou echt paradijs kunnen zijn. Mijn wens voor Congo.

Maartje

sep 12
Arend Geschreven door ArendVanuit DR Congo

Voetballuh

Deze zaterdag, na een week hard werken aan allerlei budgetten, hebben we
afgesproken om te gaan voetballen. Jules onze medco assistent heeft een
speelveld geregeld waar veel jongeren komen om te voetballen. We hebben om
14.00h afgesproken en naar goed gebruik verzamelen we om 15.30 op de basis om richting veld te vertrekken. Gelukkig ook maar, want om 1400h is het nog veel te heet om te spelen (32 graden)…

We zijn met 7 man van MSF: Papy(onze bewaker), Dr Jules en Ali (de expat
Finco) vormen onze verdediging, Ik op rechtshalf, Richard (ook logistieker, net als ik) als centrum, Pablo (onze technische man) op rechtshalf het geheel aangevuld met enkele lokale jongeren tegen een lokaal team. Het speelveld is bezaaid met stenen…. dus op mijn hardloopschoenen glijdt ik natuurlijk uit en haal mijn arm open. MSF zou MSF niet zijn als er niet goed voor me werd gezorgd dus om een schrammetje hoef ik mij niet druk te maken. Dr Jules verbindt het vakkundig en met mijn arm ingepakt speel ik verder.

Ali speelt de hele eerste helft met contactlenzen in… ziet geen bal…
raakt geen bal… Dus de 2e helft besluit hij om toch maar met bril op te
spelen… Prompt krijgt hij  een bal in het gezicht. De schade valt mee,
maar het frame is wel verbogen. Pech voor Ali.

Na 70 minuten staan we met 3-1 achter. We spelen belabberd, maar gelukkig
onze tegenstanders ook. Erg veel individueel talent, maar geen
samenwerking.. we lijken op een groep F-jes die zijn losgelaten in het
groene gras… waar de bal is zijn de spelers en van enige tactiek is geen
sprake. Of de tactiek moet zijn dat je de tegenstander laat denken dat je
geen tactiek hebt, maar dat deze wel degelijk bestaat, alleen erg goed
verborgen blijft.

Na enkele strategische omzettingen en vers bloed van langs de lijn weten we
nog 2 maal te scoren. Beide doelpunten worden gemaakt door onze lokale
teamleden. Het laatste doelpunt is een omstreden strafschop die na veel
beroering wordt benut, tot grote vreugde van allen!

We besluiten de dag met koude Cola en Fanta! Moegestreden keren we
terug naar de basis om daar verder van het weekend te genieten.

sep 10
Mirjam Geschreven door MirjamVanuit Papoea-Nieuw-Guinea

De reis

Een reis naar de andere kant van de wereld, naar Papua-Nieuw-Guinea, verder weg kan haast niet…. Op Schiphol, met mijn familie die kwam uitzwaaien, een patatje gegeten en uitgewaaid over de promenade. Het vliegtuig was maar half vol. Toen we opgestegen waren en de riemen los mochten, ontstond er soort stoelendans. Iedereen had vervolgens meer plek. Midden in de nacht bleek mijn Schotse buurman van zijn stoel verdwenen te zijn. Ik kon daardoor beschikken over drie stoelen, drie kussentjes en twee dekentjes…. De rest van de nacht heb ik best aardig geslapen, maar een bed is toch lekkerder.

Op Singapore iets van 9 uur overstaptijd. Een aardig echtpaar uit Australië nam me mee naar een lounge, waardoor de tijd prima door te komen was….ja, nog eigenlijk best gezellig werd. De tweede helft van de reis was een stuk minder prettig. Na drie kwartier vliegen waren we in Kuala Lumpur, hier moest iedereen er uit om vervolgens een half uur later weer in te checken, kortom gedoe. Het hele vliegtuig zat vol, als sardientjes, en dat voor een reis van ongeveer acht uur. Het entertainmentprogramma was nihil; een rare film die centraal werd getoond, waardoor je het beeld niet kon zien. En ‘oortjes’ waarmee je muziek uit je armleuning kon toveren. Ik ben aan mijn boek begonnen en heb geprobeerd wat te slapen. Ik was na het ’slapen’ geloof ik vermoeider dan ervoor.

Er was mij verteld dat inchecken in Port Moresby een eeuwigheid kan duren, daarom viel het mij reuze mee. Toen ik mijn koffer had zag ik, dat van de mensen voor mij waren, alle koffers open moesten doen…. Ik heb een glimlach opgezet en met mijn antwoord: “ik ga acht maanden voor ‘Doctors without Borders’ werken” was de douanee tevreden en mocht ik door.

Ik werd opgehaald door Annet, een Nederlandse, dat had ik niet verwacht. Door mijn vermoeidheid geef ik haar in het Engels antwoord…. Ik word eerst even naar het expat-huis gebracht. Hier neem ik een lekkere douche en rust wat. Tussen de middag ga ik met de mensen van kantoor lunchen in een lunchhoekje bij een supermarkt. Alles is hier vreselijk duur, er is nauwelijks concurrentie en veel moet worden geïmporteerd.

’s Avonds ruimen we het expat-huis waar ik in verblijf, een beetje op zodat er te leven is. Voorgangers hadden veel dingen laten slingeren, overal en nergens lag kleding, batterij opladers, tijdschriften en kranten. Na het eten viel ik om. Ik heb mijn bed bereikt, met een radio-handset en mobiele telefoon, om de bewaking te waarschuwen als er onraad is. Ik draai én de buitendeur én mijn slaapkamerdeur op slot… Ik ben in Papua-Nieuw-Guinea!

Groetjes,
Mirjam                                                         

sep 4
Arend Geschreven door ArendVanuit DR Congo

70 uur werken is ook sport

Bij mijn vorige banen stelde ik altijd dat mensen die structureel overwerken
inefficiënt zijn of dat ze het echt te druk hebben en dat er een persoon bij
moet. Nu de Logistiek Coordinator op vakantie is en de Logistiek assistent
afwezig is, kan ik zeggen dat beide voor mij opgaat. 3 banen in je eentje doen is echt wel heel erg veel werk. Hierdoor ontkom je er soms niet aan dat je fouten maakt.

Ten eerste is er de 8-maandelijkse rapportage die naar het hoofdkantoor in Amsterdam gestuurd moet worden met allerlei gegevens over de voorraad, consumptie, het transport etc van de afgelopen 4 maanden.
Het is goed te doen als je alle gegevens keurig op een rij hebt, maar daar
wringt hem nou juist de schoen… dat is niet zo. Dat betekent heel veel
werken in EXCEL om alles te ordenen.

Ten tweede ben ik erg druk met de lokale autoriteiten en clearing agent om
medicijnen, auto onderdelen en andere zaken door de douane te krijgen. Ik
kan gerust stellen dat dat erg tijdrovend is.

Dan zitten we nog midden in een juridische procedure. Ook hier moeten we goed op onze tellen passen om volgens de erg ingewikkelde Congolese wetgeving te werken. Dat betekent vooral veel praten en kost erg veel (negatieve) energie.

Na twee weken begint de rook echter op te trekken en wordt het eindelijk
weer wat rustiger. Gelukkig maar, want 70 uur in een week werken is echt
geen pretje. Ik voelde me moe worden en mijn humeur werd er ook niet beter
op, maar die tijden zijn nu voorbij en ik ga weer met een lach door het
leven. Tijd voor wat ontspanning. Sport zou ook kunnen natuurlijk. Ik ben heel erg bezig met sport…. denk er bijna elke dag aan :-) Ach en 70 uur werken is toch eigenlijk ook sport.