apr 18
Jouke Geschreven door JoukeVanuit Burundi

Klussen

De laatste van de zeven klinieken die we opknappen ligt ver weg in de
bergen. Als het niet regent is het zo’n drie uur rijden. Niet de moeite
waard om op 驮 dag op en neer te rijden dus. Ons medisch team bezoekt deze
kliniek twee keer per week en overnacht dan in een klooster ergens in de
bergen. Deze week zijn wij druk geweest met de werkzaamheden bij deze
kliniek, dus sliepen wij ook bij de zusters in het klooster. Nou dat is niet
verkeerd! Twee maaltijden op 驮 avond en overvloed aan bananenbier, mmm!
Het zijn niet echt stereotype zusters, ze zijn gek op alcohol en hun mobiele
telefoon. Kinyinya is rustgevend maar het klooster slaat alles. Uitgerust
konden we aan de bak. De laatste kliniek is bijna klaar.

Ook zijn we bezig met het opknappen van een oude bron bij 驮 van de
klinieken. Nou ja, wij zouden het eigenlijk meer een diepe put noemen. Hij
is zo’n 25 meter diep. Voorheen was er een windmolen die het water oppompte,
maar helaas is deze omgewaaid, dus de bron was buiten gebruik. Erg zonde,
want de bevolking en het personeel van de kliniek moeten nu zo’n 20 minuten
lopen om water te halen. Tijdrovend en ook erg lastig om zo de kliniek
schoon te houden! Het plan is om de put schoon te maken, alle stenen en zooi
te verwijderen die er in de loop van de jaren zijn ingegooid en dan proberen
om de put verder uit te diepen. Om in de put te werken moet er om de 15
minuten water uit de put gepompt worden omdat het nou eenmaal een bron is.

We hebben een mooi systeem ge﮳talleerd met ratels en katrollen om alles de
diepte in te laten zakken en weer omhoog te takelen. Veel respect voor de
mannen die afdalen om te graven. Maar voor mijzelf was het eigenlijk ook wel
een beetje verleidelijk om een kijkje te nemen beneden, dus uiteindelijk ben
ik ook in een emmertje afgedaald. Gelukkig geen last van claustrofobie, maar
toen ik beneden in het water stond en omhoog keek, was het stukje lucht dat
ik zag zo groot als een gulden. Blij toen ik weer aan de oppervlakte was. Na
twee dagen graven stuitten we op rotsen. Nu proberen we met een hamer en
beitel dieper te graven. Dit is de laatste (en ook de mooiste) klus die ik
hier zal doen. Het meeste werk dat ik gepland had voor mijn missie is af.
Helaas niet alles, dus blijft er wat over voor mijn opvolger die al
gearriveerd is. De laatste paar weken alles netjes overdragen en dan is het
tijd voor vakantie!

Jouke

Artsen zonder Grenzen Je kunt Artsen zonder Grenzen steunen door vaste donateur te worden of eenmalig te geven! Je kunt je bijdrage ook overmaken op giro 4054, t.n.v. Artsen zonder Grenzen te Amsterdam.

apr 13
Steven Geschreven door StevenVanuit DR Congo

Afrika

Afrika is magisch, en zal altijd zo blijven. Voor sommigen is het liefde op het eerste gezicht. De zware geur en de klamme hitte die je direct overdondert. Voor anderen is het een liefde die langzaam moet opbloeien. Waarbij je in eerste instantie met verstand en oog voor veiligheid de distantie probeert te bewaren tegenover dit continent. Maar na verloop van tijd is het onoverkomelijk, Afrika is in al je pori뮠doorgedrongen. In alles zie je Afrika en voel je Afrika.

De magische gloed die over Afrika heerst raakt alles aan. De mensen, de vogels, de bomen, de geluiden, de blikken, het water, de sterren, zelfs de maan. Het is allemaal Afrika. Het besef dat dit alles Afrika is maakt de fascinatie alleen nog maar groter. De zon schijnt natuurlijk op elke plek van de wereld, maar in Afrika lijkt die mooier, feller en levendiger, want het is Afrika.

Deze alomvattende liefde is te vergelijken met de verliefdheid voor een persoon. Alles wat bij die persoon hoort is mooi. Haar lach, haar ogen, haar moedervlekken, haar stem, alles klopt. En als je door de kamer van die geliefde loopt zijn de meest algemene dingen plotseling betoverd door de liefde. Haar boeken, haar kleren, haar foto?s, haar bed, de liefde is overall aanwezig.

Zelfs de aspecten die je bij andere mensen zou verafschuwen als hun zweetsokken, afgeknipte nagels of haren in het eten hebben bij deze persoon hun schoonheid. Het is van haar dus het is mooi. Vergelijkbaar zijn de armoede, modderwegen en tropische regenbuien onlosmakelijk verbonden met Afrika. Het hoort er allemaal bij. Het is het hele continent met alle aspecten waar zoveel liefde voor is.

Maar net als de liefde voor een persoon is er ook in Afrika na de eerste intensieve maanden op een gegeven moment gewenning. Het wordt vertrouwd, is continu om je heen, je kent bijna niet anders. Je gaat opeens achter alle mooie dingen ook de structurele gebreken zien. Of het nou nagels bijten is of de corruptie. Je wilt hun deze patronen afleren, je wil ze verbeteren, nog mooier maken. Maar tot grote frustratie werkt dat helaas niet zo. Sommigen dingen kan je niet veranderen. En met dit inzicht wordt de verliefdheid houden van. Natuurlijk blijf je je best doen om haar te verbeteren, maar met respect voor haar eigen identiteit. Ze is mooi zoals ze is.

Soms kan de oude passie ineens weer opvlammen. Als een golf overspoelt de liefde je en zie je plotseling met wat een schoonheid je continu omringd bent. Alles is bijzonder. Dit overkomt je als er een tijdelijke afstand is, er een komend afscheid of weerzien in het verschiet zit, of gewoon zomaar, omdat het liefde is. Je realiseert hoeveel ze voor je betekent. Het is een oergevoel en je wilt er altijd naar terug.
Afrika, alleen die naam is al zo mooi.

Steven

apr 13
Steven Geschreven door StevenVanuit DR Congo

Made in Congo

De afgelopen maanden heb ik me al meerdere keren verbaasd over de inwoners van de Congo.
Met de meest opmerkelijke inwoners maak je echter pas kennis onder de microscoop. Vaak zijn deze figuren niet alleen inwoners van de Congo maar tevens van het menselijk lichaam.

De meerderheid van deze Congolese inwoners komen uw lichaam binnen via de mond. Dit gebeurt over het algemeen door aanraking met uw voedsel of drinken of via nagels bijten, vingers aflikken en andere gebruiken. Deze gasten vormen vaak onderdeel van de faeco-orale route. Dat wil zeggen dat zij zich voortplanten in iemands lichaam (dat lichaam kan van een mens zijn, maar ook hond, schaap, varken en vele andere dieren), zich via de ontlasting uit het lichaam werken om vervolgens voor de volgende levensfase via binnenkomst door de mond een plek vinden in een nieuw lichaam. Afhankelijk van de capaciteiten van de inwoner kan die zich gaan vestigen in de hersenen (Taenia solium) in de longen (Ascaris lumbricoides) in de lever (Entamoeba histolytica) en bijna elke andere plek in het lichaam die je je kan voorstellen. In het begin heb je geen last van deze gasten maar na weken, maanden of jaren van voortplanten en eieren leggen kunnen deze inwoners een dodelijke uitkomst hebben.

Er zijn ook inwoners die zich binnendringen via de huid. Als je bijvoorbeeld met blote voeten over geﮦecteerde grond loopt kan de Ancylostoma duodenale of de Strongyloides stercoralis zich onopgemerkt door de voetzool naar binnen werken en een plekje in het lichaam zoeken om zich bijvoorbeeld in de longen voort te planten.

Een andere bewoner die zich binnendringt via de huid is de Schistosoma mansoni. Die houdt zich op in de vele wateren van de Congo en heeft aan een druppel genoeg om zich te laten transporteren van het water het menselijk lichaam in. Eenmaal door de huid binnen gedrongen kan die zich overall voortplanten, vaak beginnend in darmen maar eindigend in lever en hersenen.

Een andere gast die via het water je lichaam binnen kan komen is de Limnatis nilotica of Myxobdella Africana, de zogenaamde waterbloedzuigers. In tegenstelling tot de bloedzuigers op het land ben je je niet bewust dat ze zich aan je bloed te goed doen aangezien je ze niet kan zien. Zij wonen in zoet water en komen het lichaam binnen via neusgaten, vagina of penis. Het moge duidelijk zijn dat een zwembroek geen garantie voor bescherming vormt. Zij kunnen zich na een reis door het lichaam nestelen in longen, slokdarm, urinewegen en daar voor bloedingen en opstoppingen zorgen. Vaak zal de pati뮴 aan het einde van de rit sterven door bloedarmoede zonder bewust te zijn wat de eigenlijke reden van zijn bloedverlies was.

Dan zijn er nog de inwoners die kunnen steken en daarmee hun eieren of larven in het lichaam achterlaten. Cordylobia Anthropophaga ofwel de tumbu vlieg is een insect die zijn eieren legt in ontlasting, urine en kleren. Helaas is het niet zichtbaar als de vlieg zijn eieren in je T-shirt heeft gelegd terwijl het buiten aan de waslijn hangt. De larven kunnen tot twee weken zonder eten in je T-shirt wachten voordat je je het kledingsstuk uit de kast pakt en aantrekt. Zodra het shirt met je lichaam in aanraking komt reageren de larven op de warmte en vibratie en zijn ze binnen 驮 minuut door je huid heen gekropen. Aldaar zullen ze nesten vormen waar ze zich binnen enkele dagen vermenigvuldigen. Dit resulteert in pijnlijke bulten waar de larven ontstekingen veroorzaken. Deze plekken kunnen in het scrotum, rug, benen of op de armen ontstaan, afhankelijk van het kledingstuk dat geﮦecteerd is.

Andere vliegende inwoners zoals de Wohlfahrtia mangnifica of Chrysoma bezziana leggen hun eieren in alle beschikbare gaten van de mens. Dat wil zeggen de oren, neus, ogen, anus, vagina maar ook in een wond. Als de eieren zonder dat de persoon het merkt in 驮 of meerdere gaten is geplaatst ontpoppen ze zich na verloop van tijd in larven en die zorgen voor de problemen. De larven zijn zelfs in staat om in het bot door te dringen. Ter plaatse van de neus kan dat bijvoorbeeld leiden tot herhaaldelijke neusbloedingen, chronische luchtwegverstoppingen of pussende wonden rond het neusbot. In de andere lichaamsholtes kunnen soortgelijke problemen ontstaan.

Hiernaast zijn er nog alle heftige reacties na contact met verschillende kevers, motten, duizendpoten, bijen, wespen en anderen. Maar dat is weer een ander verhaal. Het is in ieder geval duidelijk dat de inwoners van de Congo altijd voor verrassingen kunnen zorgen, zowel op macro als op micro niveau.

Steven

apr 11
Steven Geschreven door StevenVanuit DR Congo

Swahili

?Hakuna matata? was voor mij reden genoeg om Swahili te leren. Die klanken liggen zo prettig in het gehoor dat ik het nauwelijks kon voorstellen dat er een volwaardige taal achter schuil gaat. Een reden dat het Swahili veel tot de verbeelding sprekende klanken heeft is misschien omdat het een lingua franca is, of met het mooie Nederlandse woord, een mengtaal. Dat wil zeggen dat het de woorden, vaak de meest opmerkelijke of herkenbare, uit verschillende talen heeft gepikt.

De basis is opgebouwd uit Afrikaanse Bantoetalen dat vervolgens vermengd is met de klanken van de verschillende overheersers. Op de eerste plaats het Arabisch, dat al eeuwen verbonden is met Oost-Afrika (Swahili komt van het Arabisch Sawahili dat kustbewoner betekent). In een later stadium zijn er woorden overgenomen uit het Duits (Tanzania, de bakermat van het Swahili was begin twintigste eeuw een Duitse kolonie) en Engels. Vaak zijn de nieuwe woorden aanduidingen voor begrippen die ze oorspronkelijk in Afrika niet kenden: aiskremi (ijs), wiki (week), compyuta (computer), intaneti (internet).
Tot op de dag van vandaag komen er nieuwe woorden bij. The Institute of Kiswahili and foreign languages op het eiland Zanzibar, dat verantwoordelijk is voor de ontwikkeling van het Swahili, krijgt wekelijks aanvragen binnen voor nieuwe woorden. Aan een aantal hoge heren is het dan de mooie taak om met deze informatie nieuwe woorden uit te vinden.

Maar over de duizenden kilometers afstand tussen Zanzibar en de Congo zijn een aantal woorden al behoorlijk veranderd ten opzichte van de offici묥 versie. Mede door een aantal creatieve Congolezen die hun eigen taal maken, zoals in Baraka.

Elke donderdag probeer ik om half zes s’avonds mijn talenles te volgen. Professor Charles, het hoofd van de middelbare school in Baraka, is mijn leraar. Zijn moedertaal is Kibembe in plaats van Swahili maar als schoolhoofd wordt hij gezien als de meest wijze en geleerde persoon in het dorp. Als iemand de blanke dokter moet onderwijzen dan moet hij het zijn. Of hij nou Swahili spreekt of niet.

We spreken altijd af voor zijn school, waar we een oud houten schoolbankje uit het klaslokaal naar buiten halen en samen in de ondergaande zon in een grote kring kinderen onze les beginnen. In theorie is het uur bedoeld voor Frans en Swahili. In praktijk laat ik na een kwartier de subjunctief voor wat het is en vraag ik naar mooie woorden in het Swahili. En mooie woorden hebben ze in het Swahili. Veel onomatopee뮠als kuku (kip), kokoriko (haan) en mgumburu (onweer), of anders ?persoonlijke onomatopee뮒 als juha (zonneschijn), mwangaza (licht) of vivihivi (etcetera) die voor mijn gevoel de juiste klank geven aan de betekenis. Zelfs het Muzungu (blanke) waarmee je dagelijks door alles en iedereen wordt doodgegooid heeft na acht maanden nog steeds een magische klank.

Inmiddels heb ik het niveau bereikt om van al die mooie woorden zinnen te maken. Charles heeft van de lagere school een oefenboekje met kinderverhalen gehaald die ik moet vertalen. Het zijn de klassieke sprookjes die iedereen in de Congo kent. Het is interessant om te zien dat sommige verhalen en rollenpatronen universeel lijken te zijn. Het schaap is dom, de krokodil is gemeen, de leeuw is sterk. Maar er zijn ook een aantal verrassingen. Zo wordt in de Congo het konijn als de slimste der dieren gezien, en is de uil die wij op die plek hebben gezet slechts een voorteken van ongeluk.

Als een klein kind slurp ik hongerig alle mooie woorden uit ieder verhaaltje op en vraag ik telkens om nieuwe woorden. Vaak weet Charles eigenlijk ook niet wat het woord in Swahili is maar dan vraagt hij het nonchalant aan de grote groep kinderen die om ons heen zit. Als die echter niet het antwoord weten krijgen ze van de professor straf en moeten ze zo snel mogelijk naar een volwassene op straat lopen om de betekenis te achterhalen. In de tussentijd vertelt Charles vrolijk verder over andere mooie woorden. Als de volwassene van de straat het uiteindelijk ook niet weet verzinnen we samen wel een nieuwe woord. Zo leeft het Swahili vanaf de Congoleze zijde weer verder.

Steven

apr 10
Jouke Geschreven door JoukeVanuit Burundi

Wasdag

In het ziekenhuis hebben we een paar speciale dagen per maand. Zo was het deze week weer tijd voor JPP, Journ饠Patient Propre. Een dag die we twee keer per maand organiseren om alle pati뮴en te wassen. De begeleider van de pati뮴 is hier normaal verantwoordelijk voor, maar helaas hoort jezelf schoon houden niet bij het dagelijkse ritme. Ook wel logisch als je ver moet lopen om water te halen. Maar, hierdoor krijgen de mensen infecties en worden ziek. Zeker voor de pati뮴en is het natuurlijk erg belangrijk om schoon te zijn. Benodigdheden: Water, zeep en washandjes. We hakten de zeep
in stukken en deelden deze uit aan de pati뮴en. De schoonmakers gaven de wasles, erg grappig om te zien. ‘Ja, je pakt een stuk zeep en een kop met water, eerst water over jezelf gieten, zeep natmaken, jezelf inzepen en schrobben’. Als ze zijn bijgekomen van de schrik gooit een schoonmaker dan nog even een teil water over hen heen. E鮠man had zich in 45 jaar nog nooit gewassen. Hij was bang dat hij zou overlijden als hij gewassen werd, dus moest er een dokter in de buurt blijven om hem gerust te stellen.

Een collega uit Zweden had een niet al te goede week. Ze gleed uit en brak haar been op twee plaatsen. Een geluk voor haar was dat het JPP was, kreeg ze gelijk een grote wasbeurt. De dokter had haar been ingepakt in gips maar dit was echter niet genoeg voor de verzekeringsmaatschappij. We hebben haar naar de hoofdstad afgevoerd en ze is naar Zuid Afrika gevlogen waar ze geopereerd is. Ze had nog maar 3 weken te gaan, dus als ze van de operatie hersteld is vliegt ze naar huis. Deze verzekeringskwestie is moeilijk uit te
leggen aan onze Burundese collega’s. Voor mijzelf komt het einde ook dichterbij. Ik zit hier nu 8 maanden en heb nog maar 4 weken te gaan. Heb nu nog geen zin om naar huis te gaan, maar begin wel beetje moe te worden. Gelukkig afgelopen weekend even naar de hoofdstad geweest om uit te rusten. Het is een raar idee om straks weer in Nederland te zijn. Ik ben me hier erg thuis gaan voelen en de vreemde levensstijl is nu normaal geworden. Maar gelukkig gebeuren er dan weer aparte dingen waardoor je beseft dat je een namaak afrikaan bent. Afgelopen nacht kreeg ik mijn eerste aardbeving voor
mijn kiezen. Was gelukkig niet erg hevig maar voor mij de eerste keer dat de ik
wakker werd doordat ik lag te schudden in mijn korf.

Jouke

apr 10
Steven Geschreven door StevenVanuit DR Congo

Nachtdienst

Net als ik bijna slaap gaat mijn radio af. Er is een ernstig kortademig kind het ziekenhuis binnen gekomen. Het verhaal dat de verpleegkundige vertelt over de radio is zeer onsamenhangend. Daarbij valt de radio op de meest kritieke momenten uit: ?Dokter Steven, er ligt hier een kind van piep jaar oud, temperatuur van piep graden, en een piep van tachtig per minuut?. Er lijkt haast opzet in het spel, of sprake van een goede grap. Maar het gevolg is wel dat ik dit kind met eigen ogen wil zien en dus mijn klamboe uit moet richting het ziekenhuis.

De irritatie over de slechte radioverbinding en het verstoren van de nachtrust lost in de Afrikaanse nacht snel op. Tienduizenden sterren boven me en een half volle maan die het pad al zodanig verlicht dat de begeleidende guard de olielamp niet eens hoeft aan te steken.
Het heeft iets magisch om in het donker over de zandpaden van Baraka te lopen. Waar overdag het geluid van spelende kinderen, kwebbelende vrouwen en schreeuwende mannen het straatbeeld overheerst is het nu doodstil. Slechts af en toe het kwaken van een kikker of het klapwieken van een uil. De guard weet inmiddels hoe gesteld ik ben op deze nachtelijke wandeling en loopt in stilte een paar passen achter me. Ik heb hem uitgelegd dat waar ik in Nederland woon er geen stilte, sterren of uilen zijn maar het blijft voor hem een raadsel waarom die blanke dokter een doodgewone nacht in Baraka zo bijzonder vindt.

Als ik vlak voor het ziekenhuis ben zie ik een schim met een tas in de hand haastig over het pad lopen en de ziekenhuispoort binnensluipen. Ik versnel mijn pas en bij de ingang vraag ik haar wat er aan de hand is. Ze laat me de inhoud van de tas zien: een pasgeboren kind met de lange navelstreng er nog aan. De guard vertelt dat ze onderweg naar het ziekenhuis waarschijnlijk in de struiken bevallen is en nu hier komt om de moederkoek geboren te laten worden. Volgens de guard een veel voorkomende inschattingsfout, maar waar ik tijdens het ochtendrapport nog nooit eerder over gehoord heb. Blijkbaar niet de vermelding waard.

Ik loop naar de kinderafdeling waar de situatie van het kind gelukkig meevalt. Ik onderzoek het kind en schrijf medicatie voor. Als ik om me heen kijk zie ik alle andere kinderen en moeders slapen op de bedden. Met soms wel vier mensen op 驮 bed zijn alle lichamen om elkaar heen verstrengeld. Een krioelend nest met aantrekkingskracht.

Ik besluit een rondje langs de afdelingen te maken en onderweg struikel ik over de lichamen die overall in het donkere ziekenhuis een plek om te slapen hebben gevonden. Congolezen kunnen in alle standen slapen. De zieken slapen in het bed, vaak met zijn twee뮠in 驮 bed, soms drie. De begeleiders slapen onder het bed, leunend tegen het bed, op een stoel, tegen de kast. Ik herken de moeilijke slaapposities wel van mijn nachtelijke treinreizen in het verleden. Maar voor de Congolees is het zoeken van een goede slaapplaats dagelijkse kost. Interrailen voor het leven.

Op de binnenplaats van het ziekenhuis liggen vele vrouwelijke begeleiders bij elkaar. Ze liggen tegen elkaar aan op de harde en koude grond en zingen gezamenlijk religieuze liederen. Ik ga er bij zitten en laat de klanken in de duisternis tot me doordringen.
Een mooi en veilig gevoel van verbondenheid om samen al biddend en zingend de nacht door te komen.

Met moeite maak ik me los van de groep om over het zandpad met de sterren terug naar huis te gaan, naar mijn eigen matras, met klamboe, lakens en een kussen. En een radio die stoort.

Steven

apr 8
Steven Geschreven door StevenVanuit DR Congo

Le Fin

Aan alles komt een einde. Zo ook aan mijn missie in de Congo. De laatste dagen gaan altijd sneller dan gedacht en opeens is het alweer het afscheidsfeest. Het ziekenhuis en mijn collega’s hebben op een feest aangedrongen. Ik had echter één voorwaarde: dat er voor het feest eerst nog een voetbalwedstrijd wordt gespeeld: Artsen zonder Grenzen – Urafiki.

De middag van het afscheidsfeest is het een drukte van belang. Meerdere vrouwen zijn groenten aan het snijden en in grote pannen aan het roeren boven het vuur. Meer dan honderdvijftig man worden verwacht. De drie geiten die de afgelopen dagen vredig over de compound graasden liggen nu in stukken verspreid over de achtertuin.

Er blijkt niet genoeg bier te koop in Baraka om alle feestgangers te voorzien. Gelukkig heeft de parochie nog tweehonderdvijftig kratjes in de kelder staan. Voor mij een vraagteken wat dat daar doet maar volgens ingewijden is het van een locale warlord die de parochie als de veiligste schuilplaats voor zijn voorraadkast ziet.
De muziekinstallatie van de locale bioscoop is geregeld om met volle kracht de Congolese hits boven de honderdvijftig bezoekers uit te komen.

Om halfvijf naar Le Stade waar de afscheidswedstrijd wordt gespeeld. Gezien de wedstrijd gratis is hebben zich inmiddels al meer dan duizend kinderen op de tribunes verzameld. Voor de afscheidswedstrijd zijn officiële shirts van het Nederlands Elftal ingescheept, een afscheidscadeau voor Urafiki dat door middel van meerdere personen de lange weg van Zeist naar Baraka heeft afgelegd. Ieder die daarvoor zijn steentje heeft bijgedragen bij deze heel veel dank.
De inauguratie van de shirts wordt vastgelegd met meerdere teamfoto’s waarbij het bord ‘Urafiki bedankt Willem’ een prominente plaats krijgt.
De eerste helft speel ik in het gloednieuwe shirt van Urafiki, na de rust in het shirt van Artsen zonder Grenzen. Juist in de tweede helft raakt Urafiki op stoom en word ik zonder medelijden in mijn laatste vijfenveertig minuten in Le Stade volledig weggetikt. Ik accepteer het verlies maar met de gedachte dat dit de grootste overkomt (JC in 1978: Ajax-Bayern 0-8) en geniet van de laatste momenten op het heilige gras.

Direct na het fluitsignaal word ik belaagd door een grote groep kinderen en volwassenen met smeekbedes voor mijn voetbalschoenen. Helaas had ik die al een aantal weken geleden aan Kiwi moeten beloven. Ik word echter uit de menigte weggetrokken om naar de studio te komen van Radio Baraka. Een laatste radio-interview voor vertrek. Over een 5-0 nederlaag valt weinig te zeggen dus hebben we het maar over de medische activiteiten van het afgelopen jaar. Als afsluiter mag ik voor alle luisteraars mijn favoriete Nederlandse liedje zingen.

Uitgeput kom ik uiteindelijk op de compound als ik zie dat de eerste gasten al in de feestkring op de compound zitten. Zelfs de douche kan mijn gevloerde toestand niet herstellen. Negen maanden werken lijken zijn tol te eisen. Met koude rillingen en drie lagen kleding nestel ik me in de kring van gasten.

Ik word weggeroepen door de guards aangezien er een aantal mensen zonder uitnodiging voor de deur staan. Het blijkt het arbitrale trio en de vierde official te zijn die nog in hun scheidsrechterstenue van vanmiddag hun opwachting willen maken.
Onder het Afrikaanse motto hoe meer zielen hoe meer vreugde pikken zij de rest van de avond een stukje geit mee.

De ceremoniemeester vertelt om klokslag half acht het schema voor de avond. Negen speeches zijn er ingeroosterd. Hiernaast worden de huisregels doorgenomen. Twee bonnen voor een fris en drie voor een bier met de opmerking dat het absoluut verboden is om lege flessen mee naar huis te nemen.

De speeches en cadeau zijn zeer liefdevol en persoonlijk. Het is duidelijk dat ik met een opdracht naar huis word gestuurd. Ga trouwen met je geliefde, maak kinderen en kom met het hele gevolg zo snel mogelijk terug naar Baraka.
To be continued.

Steven