mei 14
Maartje vanuit Nigeria.

Baby Carlos

Op dit moment leven we met 13 expats in ons huis in Goronyo. Op papier misschien druk, maar in praktijk is iedereen elke dag zo actief bezig, dat er maar weinig momenten zijn wanneer we allemaal bij elkaar komen.  Gelukkig lukt het ons meestal wel om samen te lunchen en even de dagelijkse nieuwtjes uit te wisselen.

‘Hoe is het met baby Carlos?’ Klinkt er minstens wel een keer per dag aan de eettafel. Baby Carlos is nu ongeveer 5 weken oud. Toen zijn moeder aankwam in het ziekenhuis was de bevalling al uren bezig maar zat er geen voortgang in. De verloskundigen hielpen de moeder bevallen van haar baby, die in slechte toestand ter wereld kwam en werd gereanimeerd door onze kinderarts. De moeder bleef bloeden, en moest daarom met spoed in de ambulance naar het ziekenhuis in Sokoto gebracht worden, anderhalf uur verderop, om een operatie te ondergaan. Kort na aankomst overleed zij daar.

En zo begon het leven van deze baby, geboren met 37 weken en 1 kg zwaar, vanwege ook zijn instabiele toestand achtergebleven in ons ziekenhuis, zijn moeder en familie met spoed vertrokken naar een ander ziekenhuis. Maar de verloskundigen pakte hem in en stopte hem in een met aluminium folie bedekt bedje om hem warm te houden, en onze kinderarts gaf deze kleine man de naam Carlos.

In de eerste weken verloor Carlos een groot deel van zijn gewicht en woog op een gegeven moment nog maar 700 gram. Hij had geen kracht om te drinken en hij liep infecties op. Hij kreeg een infuus met antibiotica en een slangetje in zijn neus waarmee de verloskundigen hem elke 3 uur een paar milliliters melk konden geven. En terwijl zijn familie het druk had met de begrafenis van zijn moeder, vocht baby Carlos voor zijn leven. Zijn vechtlust maakte indruk op iedereen.

Baby Carlos heeft tot nu toe alle kritieke momenten overleefd. Hij groeit weer en weegt vandaag 1.2kg, deelt de kinderarts mij trots mee. Zijn grootmoeder komt nu ook dagelijks naar het ziekenhuis om hem te bezoeken en hij zuigt met volle kracht aan de fles.

Iedereen is blij met dit nieuws, lachende gezichten aan de eettafel. Zelfs onze logistieke medewerker heeft in de afgelopen weken wel eens langs Carlos zijn wiegje gelopen om te zien hoe het met hem gaat.

Baby Carlos is misschien wel uitgegroeid tot een symbool voor hoop. Voor al die kinderen die dagelijks doodziek naar het ziekenhuis komen en de machteloosheid die het team voelt als we kinderen verliezen. Maar baby Carlos geeft de inspiratie om door te gaan in deze strijd, want soms worden zelfs de kleinste (kansen) groot.

mei 11
Jeltje vanuit Ethiopië.

Roop! Roop! Roop!

Dieren voelen vaak eerder dan mensen dat er iets verandert in de natuur. Dinsdagavond zag ik een spin in het toiletgebouw, de spin was groter dan mijn hand. Normaal hebben we niet van die grote spinnen in het toiletgebouw. Hij moet hebben gevoeld wat zou gaan komen, en daarom heeft hij alvast een droog plekje opgezocht.

In de nacht van dinsdag op woensdag word ik om 03:00 wakker van een enorm kabaal: regen op mijn golfplaten dak. We hebben vaker regenbuien, die zelden langer dan een uur duren. Ik wacht geduldig tot de regen stopt en ik weer verder kan slapen. Echter, de regen stopt niet. In de uren die volgen gaat het steeds harder regenen en onweren.

Als ik om 06:00 mijn kamer uit loop om naar het toilet te gaan, wacht me een verrassing: de compound staat onder water. Ik moet door 30 centimeter water heen waden om het toilet te bereiken, wat niet lekker is als je net uit je bed komt. In de loop van de ochtend houdt het op met regenen, de regen blijft echter nog wel de hele dag het onderwerp van gesprek in het dorp. De afgelopen weken is er relatief weinig regen gevallen, men begon zich al zorgen te maken. Maar nu is iedereen vrolijk en opgewekt.

Naast de compound ligt een ‘meer’, waar we elke ochtend om 06:30 omheen hardlopen met de expats. Toen ik aankwam, in het droge seizoen, was er enkel een droge vlakte te zien. Nu ligt er een heus meer. Tijdens het hardlopen vanmorgen stuit ik op een groep van minstens 10 maraboes. Ze zijn zo groot dat ze tot voorbij mijn middel reiken. Als op commando vliegen ze allemaal tegelijk op. Ik voel me de koning te rijk en intens dankbaar dat ik hier in de natuur van Ethiopië mag hardlopen.

Het is heel bijzonder om de natuur te zien veranderen met het regenseizoen. Ik heb nog nooit een woestijngebied groen zien worden door regen. Ik heb nog nooit een meer zien ontstaan. Maar hier gebeurt het allemaal. Zoals ik al eerder heb geschreven: de veranderingen in de natuur gaan niet subtiel. Maar het is heel mooi om deze veranderingen te zien.

En de spin? Die heeft een ander plekje opgezocht. De volgende ochtend was hij verdwenen.

mei 10
Jeltje vanuit Ethiopië.

Ode aan de logistiek

We zitten hier in een compound ‘in the middle of nowhere’. We hebben water, in een gebied waar er een groot gebrek aan water is. Er is een generator, er zijn toiletten en er is zelfs een functionerende douche. Al deze gebouwen moeten onderhouden worden en schoongemaakt worden.

In een apart gebouw liggen voorraden medicatie, medische artikelen, en alles wat we nodig kunnen hebben. Al deze producten hebben verschillende vervaldata en moeten op tijd aangevuld worden. Dit wordt allemaal in de gaten gehouden.

Voor het vervoer hebben we een wagenpark met verschillende Landcruisers. Al deze auto’s hebben brandstof nodig en moeten op tijd onderhouden worden. Als er een probleem is, moet er een reparatie gemaakt worden. Want er is hier niet zoiets als een autogarage.

En last but certainly not least: we hebben een ziekenhuis dat onderhouden moet worden. We moeten ervoor zorgen dat er volgende medicatie in het ziekenhuis is en dat de elektriciteit het doet. Samen met de mobile clinics en de gezondheidsposten zorgen we er zo voor dat we een systeem van gezondheidszorg opbouwen.

Alle praktische zaken worden gecoördineerd door degene die over de logistiek gaat. Hij moet overal iets vanaf weten. Als iets niet functioneert, dan moet hij het oplossen. Voortdurend ben ik verbaasd over hoe goed het lukt om hier een compleet systeem van gezondheidszorg op te bouwen. Daarom: ode aan de logistiek. Anders zou ik hier niet kunnen werken.

mei 10
Anne vanuit DR Congo.

Werk – Ca va un peu

Het is kalm in Pinga. Nadat het leger 2 weken geleden is vertrokkenen en de rebellen Pinga hebben ingenomen gaat het leven hier gewoon verder, onder een ander regime maar alsof er niks veranderd is.

De 2 politieagenten uit het dorp hebben hun wapens moeten inleveren want vanaf nu zorgen de rebellen voor de veiligheid van de inwoners van Pinga. En tot nu toe gaat dat goed, horen we geen verontrustende verhalen en kunnen we wekelijks ongestoord onze klinieken bezoeken.

Zelf heb ik net de internationale order van het 1e kwartaal afgerond en het is prettig te merken dat ik het werk beter onder controle krijg. De kleurrijke Excel sheets schrikken me niet meer af, integendeel, ik haal er plezier uit, speel ermee en maak analyses om op tijd te handelen mochten we een tekort krijgen van een bepaald medicijn, door bijvoorbeeld het verstrijken van de houdbaarheidsdatum of door een consumptie toename van het produkt.  Zo kunnen we ook andere projecten van Artsen zonder Grenzen helpen door medicijnen te doneren of uit te lenen als zij tekorten hebben.

Het voelt alsof de laatste fase van mijn verblijf in Pinga is aangebroken, niet zozeer omdat de andere 4 expats bezig zijn met evaluaties en hun opvolgers  i.v.m. hun vertrek binnen een maand maar vooral omdat ik nu meer tijd en inzicht heb om de nationale staf nog zo veel mogelijk dingen bij te leren. Maar waar begin ik? Ik ben hier vanaf de eerste weken bezig geweest om aan mijn assistent en de magazijnmedewerker uit te leggen hoe ze zelf meer om overzicht kunnen creëren door bakjes, mapjes en een systeem aan te maken. Maar dit werkt alleen als voor hen duidelijk is wat prioriteit heeft, dus het uitleggen van time-managent zal mijn volgende stap zijn, naast een cursus Excell en Outlook.  Nu komt het ook op mijn eigen tijdsplanning aan, want over slechts  8 weken is mijn opvolgster al hier en ik hoop tegen die tijd een goed zelfstandig team te kunnen overdragen. Werk aan de winkel dus.

Maar vandaag nog even niet. Het is zondag en er staat een voetbalwedstrijd op het programma. Premiere Urgence, een NGO die hier in Pinga ook werkzaam is, wil revance, want een paar maanden geleden hebben wij van hun gewonnen met 1-0.  Ik kijk er enorm naar uit, want naast de beweging en het sociale aspect is vooral de verbroedering het mooie van team-sport. In  90 minuten slechts 1 doel: winnen! zonder verschil tussen arm of rijk, blank of gekleurd, assistent of manager.

mei 3
Jeltje vanuit Ethiopië.

Verantwoordelijkheid en machteloosheid

‘Doctor, can you look at this child?’, was het eerste wat ik hoorde toen ik vanmorgen aankwam in het ziekenhuis. Ze wijzen naar een bundeltje in doeken gewikkeld, dat in de armen van iemand ligt. Ik zie het kindje en schrik: het is ernstig, ernstig ziek.

De baby is 10 dagen oud en heeft twee dagen niet gedronken. Overdag is het tussen de 35 en 40 graden, dus je kunt je voorstellen dat het erg uitgedroogd is. Het heeft koorts gehad, maar nu voelt het koud aan. Ik luister naar de hartslag en start met reanimeren.

Doordat we zuurstof geven, gaat het kortdurend wat beter. Maar ik besef me dat dit kindje vocht nodig heeft. En wat ik ook probeer, het lukt me niet om een infuus te prikken bij dit baby’tje. Het is zo ernstig uitgedroogd dat het me niet lukt. Ook andere manieren om vocht toe te dienen lukken niet. Samen met de verpleegkundigen werk ik anderhalf uur lang keihard om het leven te redden van dit kindje. Helaas mocht het niet baten. Na anderhalf uur overlijdt het kindje.

Ik heb me nog nooit zo verantwoordelijk en tegelijk zo machteloos gevoeld.  Ik merk dat ik behoorlijk ben aangedaan door de hele situatie en neem even rust om mijn gevoel op een rijtje te zetten voordat ik verder ga met werken. Dit hoort ook bij het werken in Afrika, besef ik me. En voor elk kindje zoals dit, zijn er gelukkig veel meer kinderen en volwassenen die ik wel kan behandelen en voor wie ik wel iets kan betekenen. We kunnen ervoor zorgen dat er een ziekenhuis is waar ouders hun zieke kinderen naar toe kunnen brengen, waar kwaliteitszorg wordt gegeven, waar het schoon is, waar ze vertrouwen in kunnen hebben.

Ik neem een diepe zucht, sta op, drink wat water en ga verder met het werk in het ziekenhuis. En besluit nog meer te genieten van de kinderen die wel opknappen nadat we met de behandeling zijn gestart.

mei 2
Maartje vanuit Nigeria.

Een nieuwe kapitein….

De eerste indruk van het project zijn vrij overweldigend. Dinsdagmiddag kom ik na twee slapeloze nachten (één in het vliegtuig en één door de hitte) in Goronyo aan. Het is 44 graden en het zweet loopt met straaltjes over mijn rug en mijn gezicht (zelfs de waterproof mascara is hier niet tegen bestand ;-) .

Het kantoor en expat huis zijn boven mijn verwachting, groot, zoveel ruimte en kamers dat ik de eerste dag nog een beetje verdwaal … iets wat na een week hier onmogelijk lijkt, maar misschien een eerste hitte delirium! Maar die ruimte is ook wel gevuld… Goronyo project wordt gedraaid door maar liefst 13 expats, de grootste groep waar ik ooit mee samen gewerkt en gewoond. Best eng om dan opeens als kapitein op een volle boot te stappen..

Het eerste bezoek aan het ziekenhuis dat door MSF ondersteund wordt is indrukwekkend. Ondanks de hitte staan er tientallen moeders en kinderen in de rij voor consultatie, een andere lange kleurrijke rij zwangere vrouwen staat te wachten op een prenataal consult, terwijl er in de verloskunde afdeling zelf twee vrouwen liggen te bevallen. De talloze activiteiten die gaande zijn in deze drukkende, verlammende hitte lijken niet te rijmen met elkaar in mijn Nederlandse hersenen, maar hier in Noord Nigeria is iedereen blijkbaar gewend aan actie in de sauna!

Verderop in het ziekenhuis kom ik aan bij het therapeutisch voedingscentrum. Tientallen moeders staan met hun kinderen op hun heup te wachten op de weegschaal. Ik schrik ervan.  Gek misschien, na ondertussen best een aantal missies in het veld. Het is vooral de hoeveelheid die me weer even van mijn stuk brengt, er zijn die dag 95 zwaar ondervoedden kinderen opgenomen en zoals altijd is elke er al een te veel.  Ik wil er ook niet aan wennen.

Na een uur, vol geladen met alle indrukken, keer ik terug op kantoor.  Gemengde gevoelens, het project is immens, kan ik dit aan als project coördinator? Was ik eigenlijk niet gewoon liever als verpleegkundige gebleven in het voedingscentrum? !

We zijn alweer anderhalve week onderweg. De afgelopen week heb ik me ondergedompeld in het project, gepraat met alle expats, gereageerd op de eerste vragen, gebrainstormd met het team om oplossingen te vinden voor verschillende issues…  Het team is divers en sterk. Voor vele expats is dit hun eerste ervaring met MSF dat maakt dat ze misschien nog veel moeten leren, maar aan de andere kant zijn deze ‘frisse’ ogen ook verhelderend. Ze zien weer nieuwe dingen, zijn weer verbaasd of verontwaardigd over dingen die je later als bijna normaal gaat ervaren.  Het is enorm fijn om met dit team te mogen werken, ik merk dat ik in de afgelopen jaren toch best veel geleerd heb waarmee ik hun kan helpen, en zij houden mijn blik helder.

De hitte uitslag is inmiddels verdwenen en ik raak gewend aan de hoge temperaturen. Ondertussen zijn er deze week weer tientallen vrouwen bevallen in de kliniek en heeft het team tegen de honderd kinderen succesvol behandeld voor ondervoeding.

 And that is something… op volle kracht voorruit!

mei 1
Jeltje vanuit Ethiopië.

Happy Birthday!

Afgelopen woensdagavond voelde ik de spanning die ik ook altijd voelde toen ik klein was. De gedachte: “morgen ben ik jarig en ik heb geen idee wat de dag voor verrassingen gaat brengen”.  In het ‘normale’ leven in Nederland wist ik de afgelopen jaren wel wat er ging gebeuren op mijn verjaardag, maar nu was het helemaal nieuw voor me.

Aan de ontbijttafel bleken de andere expats een grote tekening/kaart voor me gemaakt te hebben. Iedereen heeft er iets liefs op geschreven! Ook hadden ze een cadeautje voor me: een beeldje uit Addis. In het ziekenhuis, aan het einde van de ochtend, is er heel hard voor me gezongen door het personeel. Ik kreeg er een brok van in mijn keel.

Gelukkig was het een rustige dag en konden we aan het einde van de middag thee drinken samen met een aantal verloskundigen en vertalers. Al gauw werd er een voorstel gedaan om Somalische spelletjes te gaan spelen. Deze spelletjes blijken verdacht veel te lijken op de spelletjes die ik vroeger op de middelbare school speelde: uitrekenen aan de hand van de letters van je voornamen hoe groot de kans is dat je met iemand gaat trouwen. De thee, de spelletjes en vooral het samen lachen maakte me erg gelukkig. Ik voelde me voor een klein moment geen expat, maar echt onderdeel van deze groep lachende mensen.

Misschien was dat wel het grootste verjaardagscadeau wat ik kon krijgen. Ik ben hierheen gegaan om een andere cultuur te leren kennen, om te leren dat mijn wereld groter is dan het stadse leven in Nederland. En deze middag voelde ik me echt even onderdeel van deze, voor mij volledig nieuwe en andere, cultuur. Fantastisch.

apr 24
Jeltje vanuit Ethiopië.

A day in the life

“Doctor, we have an emergency”, hoorde ik aan het einde van mijn ochtendvisite. Een vrouw wordt binnengebracht op een brancard. Buiten bewustzijn. Opgepikt uit de bush. Niemand kan haar naam vertellen of wat er was gebeurd, ze was gewoon zo gevonden.

De verpleegkundigen hebben een training gehad in het systematisch opvangen van een slachtoffer. Dus samen met hen begin ik de patiënt systematisch te onderzoeken. Alles wat ik onderzoek is normaal, behalve het bewustzijn. Ze reageert nergens op, ook niet op pijnprikkels. Dus ik besluit haar te behandelen voor de meest voorkomende oorzaken van bewustzijnsdaling en wacht op verbetering. Nadat we haar twee liter vocht hebben gegeven, komt ze bij. Het bleek dat ze al dagen zonder eten en drinken aan het lopen was in de warme zon. Totaal uitgeput was ze. Ja, dat soort patiënten zie je normaal niet in Nederland.

Nog nahijgend van deze patiënt stap ik de auto in om op de basis te gaan lunchen. Aldaar blijkt er met het vliegtuig een stapel post voor mij te zijn meegekomen! Eens in de paar weken wordt er hier post bezorgd, en het maakt me zo blij als een klein kind. Kaartjes en foto’s van familie en vrienden, en zelfs de Nederlandse NRC van vorige week! Ik besluit om een pakketje te bewaren en over twee dagen uit te pakken. Dan ben ik namelijk jarig en heb ik een echt verjaardagscadeautje.

Direct na de lunch, als ik weer in het ziekenhuis ben, word ik geroepen. Een jongen is op zijn arm gevallen en heeft duidelijk zijn pols gebroken. Ik zet de breuk recht en laat de jongen met een arm in het gips en pijnstillers achter.

De dagen in het ziekenhuis zijn niet te voorspellen. Met veel meer beperking aan middelen dan in Nederland weten we hier toch een goede zorg te leveren. Medisch gezien leer ik hoeveel ik in Nederland vertrouwde op bloeduitslagen en röntgenonderzoek, terwijl ik nu leer te vertrouwen op wat een patiënt vertelt en op het lichamelijk onderzoek. Dat maakt het werk des te uitdagender.

En nu, ’s avonds, ga ik eens uitgebreid de krant lezen. Heerlijk,  Nederlands nieuws! Ik ben benieuwd hoe sommige berichten op me overkomen nu ik hier, ver weg van Nederland, zit.

apr 20
Jeltje vanuit Ethiopië.

Roop, roop, roop!

Mijn hoofd voelde zwaar aan vanmorgen en tijdens het werk in het ziekenhuis werd ik geplaagd door een drukkende hoofdpijn. Boven mijn hoofd pakten zich donkere wolken samen.

Tijdens de lunch namen zowel mijn hoofdpijn als de wolken dreigende vormen aan.  Het was een fascinerend schouwspel: waar we normaal een strakblauwe lucht hebben, was de lucht nu geheel asgrijs. Vogels vlogen laag en geluiden leken vervormd. Eén van de chauffeurs, die langsliep, riep: ‘Roop! Roop! Roop!’, Somali voor ‘regen, regen, regen’.

Hij kon niet meer gelijk hebben. Terwijl we staan te kijken, klinkt er een donderslag. Van de ene op de andere minuut verandert de compound in een waterballet. Met een ontstellend geweld vallen de druppels op de ijzeren daken, een dusdanig geluid producerend dat we elkaar niet meer kunnen verstaan.

Opgelucht dat de dreiging in de lucht weg is, kijken we naar het schouwspel dat zich voor onze ogen ontvouwt. Mijn hoofdpijn is ook direct weg. Na de regenbui, die een uur in volle hevigheid doorgaat, is het landschap veranderd. Het rode stof is rode modder geworden. De mensen hier kijken opgelucht. Regen betekent water, water betekent leven.

In Ethiopië gaat niets subtiel, zo ook niet het begin van het regenseizoen.

apr 17
Maartje vanuit Nigeria.

De aanloop naar een nieuwe missie

Zondagochtend, mijn zus belt. Nog even mijn anderhalf jaar oude nichtje aan de lijn ‘tag tag!’.  En dan mijn 3 1/2 jaar oude neefje die me nog even probeert uit te dagen voor een stoei partij: ‘kan me toch niet pakken, want ik ben lekker thuis!!’ .. een telefonische kieteldood en kus dan maar. Poeh, afscheid nemen valt niet mee, ga er nooit aan wennen. Repeteer mijn mantra dat familie en vrienden missen eigenlijk iets moois is; betekent dat je eigenlijk heel rijk bent in het leven. Makkelijker gedacht dan gevoeld.

Over een paar uurtjes stap ik weer op het vliegtuig, op naar een volgende missie. Afgelopen paar maanden ben ik voor een langere tijd thuis geweest, ben een nieuwe studie begonnen en heb sinds tijden weer eens een winter gevoeld en kerst thuis gevierd. Maar het veld roept weer, tijd om weer een nieuwe uitdaging aan te gaan!

Dit keer vertrek ik naar Nigeria. In het door corruptie geteisterde Nigeria moeten velen mensen nog vechten voor hun dagelijkse bestaan. Het gezondheidsstelsel is vaak verwaarloosd, de mensen kampen met grote armoede en er door het hele land zijn veel spanningen tussen verschillende groeperingen. Verder wordt het gebied ook regelmatig geteisterd door uitbraken van besmettelijke ziektes en is kraamvrouwensterfte en ondervoeding een groot probleem.

Ik word de nieuwe project-coordinator van ons project in Goronyo, in de deelstaat Sokoto. We werken daar met een groot team van internationale en nationale medewerkers in een ziekenhuis en verschillende klinieken. Onze activiteiten zijn vooral gericht op begeleiding en medische zorg rond de zwangerschap, het voorkomen en behandelen van ziekten onder kinderen en (nood)hulp aan slachtoffers van epidemieën, natuurrampen en geweld.

Het wordt weer heel anders dan al mijn vorige missies, genoeg voor toch wat zenuwen, zoals altijd. Maar een geslaagde voorbereiding was er wel. De afgelopen twee weken heb ik samen met andere project coördinators van Artsen Zonder Grenzen een cursus gevolgd in een hostel in Bakkum. Interessante en leerzame lessen van zeer ervaren collega’s, de passie en energie van de groep maken dat ik me er weer klaar voor voel, maar ook trots. Trots op het feit dat ik voor deze organisatie mag werken; kundig in uitvoering, eerlijk over beperkingen, altijd trouw aan en vechtend voor de mensen die dat zo hard nodig hebben.

In mijn huis liggen verschillenden hoopjes uitgezochte kleren, boeken, toiletspullen samen met stroopwafels, kaas & chocola voor het huidige team. Tijd om alles in mijn tas te proppen en op weg te gaan naar schiphol.

Keep you posted!

apr 17
Jeltje vanuit Ethiopië.

Kamelenbarbecue en pizza

Op de compound heeft iemand ooit een houtgestookte pizza-oven gebouwd. Het ding is zo’n 2 x 2 x 2 meter groot en sinds gisteren weet ik dat hij goed functioneert.

De meeste gesprekken tussen de expats hier gaan over eten. Omdat we zo ver weg van alles zitten, zijn er weinig ingrediënten verkrijgbaar, en dat maakt het verlangen naar verschillende soorten voedsel alleen maar groter. Door de week hebben we een kok die voor ons met de lokaal verkrijgbare spullen eten kookt. Injera (een ethiopische hartige pannenkoek), rijst, linzensaus en saus met aardappelen en geitenvlees. Dat is het dagelijkse voedsel hier op de compound. Soms, als er verse groenten worden bezorgd vanuit de hoofdstad per vliegtuig, is er ook groente. Soms is er tonijn. Maar daar houdt het zo’n beetje bij op.

In het weekend koken we zelf en proberen we er echt iets van te maken. Dit weekend hadden we echt een feestweekend wat het eten betreft. We hebben een bezoeker van het management team uit Addis, die voor ons gekookt heeft. Op vrijdag hebben we een barbecue gehouden met kip, kameel en geitenvlees. Een dag voor de barbecue werd de levende kip geregeld, die een dag op de compound heeft rondgescharreld  en de volgende dag voor mijn ogen werd geslacht. Dat was voor mij, als nog niet zo lang ex-vegetariër, wel een hele belevenis.

De dag erna hebben we dus pizza gemaakt met zijn allen, wat een feest! Het was niet alleen een feest om te eten, maar ook een feest om dit als groep samen te maken. We hadden ons er uitvoerig op verheugd en samen eten en koken levert leuke, waardevolle gesprekken op. Zo zie je maar weer: een pizza-oven is goed voor de band tussen de expats.

apr 13
Anne vanuit DR Congo.

Vrije tijd

De weekenden zijn nu inmiddels na 6 maanden bijna routine. De zondag proberen we niet te werken en heeft elke expat zijn of haar eigen ritme met wekelijks dezelfde activiteiten. Niemand van ons kan goed uitslapen dus er wordt al vroeg gemaild en geskyped met het thuisfront. In de ochtend staat meestal een yoga sessie gepland die we op film afspelen op het grote scherm in de living. Angelika, de project coördinatrice begeeft zich de hele dag in de keuken om te kokkerellen en er wordt getuinierd. Voornamelijk door vroedvrouw Jean en geassisteerd door mij.

De tuin zit vol tomaten, vooral cherry tomaten maar onlangs hebben we ook grote pommedori tomaten gevonden. Ze groeien het liefst op oude compost hopen of verbrand houtskool waar voorgangers (expats) zaadjes hebben achtergelaten. Met stokken proberen we ze te begeleiden want door de zwaarte groeien ze als struiken over de grond. Het klimaat geeft een extra uitdaging aan deze nieuwe hobby want soms komt het echt met bakken en modderpoelen naar beneden en soms is het kurkdroog en loop ik met een jerrycan de vier gecreëerde moestuinen af. Daarnaast hebben we met buurtkinderen te maken, die de sterk stromende rivier overzwemmen naar onze tuin om ananas en de tropische vrucht guava te plukken. Gelukkig zijn ze nog niet aan onze nieuwe teelt gekomen want met geïmporteerde zaden uit Nederland en een paar groene vingers proberen Jean en ik de broccoli, aubergine, wortels, radijs en bieslook te redden van een vreet grage tor. Met trots kan ik zeggen dat we waarschijnlijk de enigen zijn in heel Congo die al 4 weken non-stop eigen gekweekte paksoi en dille eten, niet de meest gangbare producten in Congo….

Deze zondagen zijn extreem rustig. En naar mijn idee iets te rustig. In Pinga is er naast een lokale bar en een schreeuwende openlucht bioscoop niet veel te doen en zonder sociale verplichtingen kan deze dag dus volledig naar eigen wens ingedeeld worden. In het westen zou men vast graag zo’n dagje “ onthaasten” maar ik heb meer behoefte aan interactie en moeite om zo’n blanco lange dag volledig te ontspannen.

Een bezoek aan Goma is dan ook een aangename afwisseling. Overdonderd door de hoeveelheid (blanke) mensen, auto’s, gebouwen en lawaai kom ik zelf net terug van de grote stad waar ik 2 interessante trainingsdagen heb gehad op het gebied van bevoorrading. Samen met mijn collega’s uit de andere projecten (Kitchanga en Mweso) hebben we kennis gemaakt met het nieuwe supply team van Goma, ervaringen gedeeld en werkwijze aangescherpt waardoor onze samenwerking nu nog beter zal verlopen. Zeer nuttig en gezellig,want in de avonden hebben we het uitgaansleven van Goma opgezocht.

Vandaag is het Pasen en kom ik net terug van de kerk, een mis van 3,5 uur. Naast een albino was ik de enige met een lichte huid en het was één groot schouwspel.

De kerk zat vol, zonder palmstokken of andere decoratie, maar er werd gebeden, gezongen en gedanst onder begeleiding van de lokale band met drum, 2 basgitaren een synthesizer, 3 koren en een krakende microfoon. Kinderen werden in de toom gehouden door een oppasvrouw van in de 70 en zo nu en dan werd er een baby doorgegeven naar de moeder om publiekelijk de borst te geven. Tijdens het welkomstrondje heb ik als “ bezoeker” iedereen een vrolijk Pasen gewenst, gevolgd door veel speeches en uiteraard het verhaal waarom we eigenlijk Pasen vieren, allemaal direct vertaald van het Swahili naar het Frans door een collega en goed te volgen met zijn Engelstalige bijbel.

Deze mis was  extra bijzonder vandaag door de aanwezigheid van een rebellengroep in de kerk. Nadat het overheidsleger  afgelopen dinsdag massaal en met stille trom is vertrokken, heeft een rebellen groep  Pinga “ingenomen”, gelukkig zonder geweld. En daar heeft de rebelleider zojuist tijdens de mis ‘God’ voor bedankt. Halleluja! Door deze vrolijke uitbundige paasviering ontstond er zowaar een verbroedering in deze bizarre situatie. T lijkt alsof ik zelf in het boek  “Congo” van David van Reybrouck  terecht ben  gekomen!.

De mankrachten van de ene rebellengroep hebben zich inmiddels samengevoegd met een andere rebellengroep. En samen zijn ze van plan om meer land te veroveren nu het overheidsleger zich heeft teruggetrokken. Het leger is op veel plaatsen in  zowel Noord- als Zuid-Kivu  uiteen aan het vallen door muiterij  en onderlinge conflicten. Via andere projecten van Artsen zonder Grenzen in deze provincies horen we verontrustende verhalen. In Pinga is het op het moment kalm.. We vieren  hier nu ook met de expats Pasen. Een paasbrunch met gekleurde eieren, gekookt in bieten en spinazie sap, zelfgemaakt brood en chocolade paaseitjes uit Europa. Vrolijk Pasen!

apr 13
Jeltje vanuit Ethiopië.

Welkom in Wardher!

Ruim een week geleden zette ik, na een vlucht van 5.5 uur in een klein vliegtuigje, mijn eerste voetstappen in het rode stof van Wardher, Ethiopië. De eerste indrukken zijn nu dusdanig bezonken dat ik er over kan schrijven. Want wat een andere wereld is het! Geen beeld, geur, gevoel is hetzelfde als thuis.

De compound, mijn thuis voor de komende maanden, is ruim opgezet en goed ingericht. Ik schrok wel van de hurktoiletten, en de eerste avond moest ik even slikken toen ik het toilet bleek te delen met minstens 20 kakkerlakken. Gelukkig ben ik daar snel aan gewend geraakt.  Ze rennen gewoon weg als ik hard met mijn voet op de vloer stamp.

Het team hier zorgt voor een kliniek in Wardher zelf, en is verder actief in verschillende gezondheidsposten in de omliggende plaatsen. In de kliniek bieden we basis gezondheidszorg voor de bevolking: we hebben een kinderafdeling, een tuberculoseafdeling, een afdeling voor volwassenen, een voedingsprogramma en een verloskamer. We doen aan voorlichting over gezondheid en hebben een vaccinatieprogramma. Op dit moment zijn we ook een ‘emergency room’ aan het bouwen, waardoor we patiënten met bijvoorbeeld verwondingen beter op kunnen vangen. Samen met een andere arts, een verloskundige en een verpleegkundige zijn we verantwoordelijk voor deze opzet van gezondheidszorg. De andere arts en ik hebben de taken zo verdeeld dat ik verantwoordelijk ben voor de opgenomen patiënten en zij voor de ‘outreach’ naar de verschillende gezondheidsposten.

Bij het werk in het ziekenhuis moet je je alles behalve een Nederlands ziekenhuis voorstellen. Als ik visite loop, moet ik mijn patiënten vaak zoeken op het hele ziekenhuisterrein. Ze gaan vaak buiten onder een boom zitten, soms met het infuus aan een tak gehangen. Er zijn wel bedden, maar bijna niemand gebruikt deze. De mensen zijn zo gewend om op de grond te slapen dat ze de matrassen op de grond slepen en daarop gaan liggen. De verpleegkundigen die in het ziekenhuis werken beschikken gelukkig over een schat aan kennis en zijn mijn steun en toeverlaat in deze eerste dagen.

Tot nu toe voel ik me heel erg welkom en thuis, in deze wereld die geheel anders is dan elke wereld die ik kende. Ik heb echt het idee dat we goed werk doen in deze regio. En het rode stof, waarin ik mijn eerste voetstappen zette, is inmiddels in mijn voetzolen gaan zitten, net zoals ik nu al deze mensen in mijn hart heb gesloten.

apr 2
Jeltje vanuit Ethiopië.

Vliegveld

Ik kijk nog 1 x om naar mijn moeder en zus. Zucht diep en voel dat ik huil.
Op moment van typen zit ik voor de gate en besef me: ik bevind me in een scheidingsvlak tussen twee delen van mijn leven.
Dag Nederland, hallo Ethiopië!!

 
mrt 31
Jeltje vanuit Ethiopië.

En dat alles in een koffer en een tas

Vier paar schoenen, drie broeken, twee jurken, een rok, drie t-shirts met MSF opdruk, drie andere t-shirts, twee blouses, een fleecevest, een fleecetrui, tien onderbroeken, drie BH’s, een bikini, drie sjaals (te gebruiken als hoofddoek), twee knuffelbeestjes gekregen van dierbaren, twee tropenchirurgieboeken, een tropical medicine handboek, een stethoscoop,  drie MSF handboeken, vijf spelletjes, een fles whiskey, een pond jong belegen kaas, een pot nutella, vijf repen bonbonbloc, een zak paaseitjes, vier zakjes snoep, een herinneringsboekje, twee dagboeken, schrijfpapier en enveloppen, een SIG fles, een nagelknipsetje, drie flessen lenzenvloeistof, drie tubes tandpasta, drie tandenborstels, twee flessen factor 30 zonnebrand, een bijbel, een opvouwbaar rugzakje, een opvouwbare tas, drie vulpennen, vijf balpennen, kleurpotloden, een iPhone oplader, een e-reader, een laptop, batterijen, een hoofdlampje, een zaklamp, twee kampeerhanddoekjes, een slaapzak, een pond koffie, een perculator, twee kettinkjes, make up, een doosje Imodium, een fles bodylotion, multivitamines, vitamine B complex en vitamine C, ansichtkaarten, een tekening van mijn nichtje, een USB reader, een fotocamera, twee brillen, een zonnebril, reservelenzen.

Ik ben benieuwd hoe de koffer en de tas terugkomen.

« Oudere posts